| Publicatienummer: | P.B. 2026, no. 52 (Geconsolideerde Tekst) |
| Categorie: | Geconsolideerde Tekst Landsbesluit, houdende algemene maatregelen |
| Ministerie: | Bestuur, Planning & Dienstverlening |
| Datum ondertekening: | 30-10-2025 |
| Datum inwerktreding: | 26-04-2008 |
| Geregistreerd in: |
Klapper Publicatieblad ( HOOFDSTUK XIII Volksontwikkeling en opvoeding. erediensten)
|
LANDSBESLUIT van de 30ste oktober 2025, no. 25/2596, houdende vaststelling van de geconsolideerde tekst van de Archiefbesluit
| Datum inwerkingtreding | Terugwerkende kracht tot en met | Datum ingetrokken | Betreft | Vindplaats | Zittingsjaar |
| 26 april 2008 | n.v.t. | n.v.t. | Geconsolideerde tekst | P.B. 2026, no. 52 (GT) | n.v.t. |
Hoofdstuk 1
Algemene bepalingen
In dit landsbesluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. landsverordening : de Archieflandsverordening 2007 ;
b. vernietiging : de stoffelijke destructie van archiefbescheiden op een zodanige
wijze dat de informatie op geen enkele wijze en door niemand meer kan worden geraadpleegd;
c. zorgdrager : degene die bij of krachtens de verordening belast is met de zorg
voor de archiefbescheiden;
d. selectielijst : de lijst, bedoeld in artikel 3, van dit landsbesluit.
Hoofdstuk 2
Archiefbescheiden vóór overdracht
§ 1
Selectie en vernietiging
Bij het ontwerpen en vaststellen van selectielijsten, bij besluiten omtrent de vervanging van archiefbescheiden door reproducties en bij besluiten omtrent de vervreemding van archiefbescheiden wordt rekening gehouden met:
a. de taak van het betreffende overheidsorgaan;
b. de verhouding van dit overheidsorgaan tot andere overheidsorganen;
c. de waarde van de archiefbescheiden als bestanddeel van het cultureel erfgoed;
d. het belang van de in de archiefbescheiden voorkomende gegevens voor overheidsorganen, voor recht- en bewijszoekenden en voor historisch onderzoek; of
e. de bewaartermijnen, vermeld in de “Algemene richtlijnen van voor vernietiging in aanmerking komende stukken”, opgenomen in bijlage 1 van dit landsbesluit.
De zorgdrager betrekt bij het ontwerpen van een selectielijst ten minste:
a. één of meer personen die deskundig zijn ten aanzien van de organisatie en taken van het betreffende overheidsorgaan;
b. één of meer personen die deskundig zijn ten aanzien van het beheer van de nog niet naar de archiefbewaarplaats overgebrachte archiefbescheiden van het desbetreffende overheidsorgaan;
c. de algemene landsarchivaris.
Een selectielijst bestaat ten minste uit:
a. een titel waaruit blijkt op welk overheidsorgaan de selectielijst betrekking heeft;
b. een opsomming van taken van dat overheidsorgaan;
c. een systematische opsomming van categorieën archiefbescheiden, waarin bij iedere categorie is aangegeven of de archiefbescheiden bewaard worden, dan wel na welke termijn zij voor vernietiging in aanmerking komen;
d. een toelichting die in ieder geval bevat:
1° een verantwoording van de wijze waarop toepassing is gegeven aan artikel 3;
2° een verslag van de wijze waarop derden en met name de deskundigen, bedoeld in artikel 4, bij het ontwerpen van de selectielijst betrokken zijn en van de inhoud van het met hen gevoerde overleg; en
e. een opsomming van de criteria aan de hand waarvan de zorgdrager archiefbescheiden die ingevolge de selectielijst voor vernietiging in aanmerking komen, van vernietiging uitzonderen.
Door de Minister worden regels gesteld met betrekking tot het digitaal beheer van archiefbescheiden en het in geordende en toegankelijke staat brengen en bewaren van archiefbescheiden die ingevolge een selectielijst voor bewaring in aanmerking komen.
Zolang geen vernietiging heeft plaatsgevonden blijven voor vernietiging in aanmerking komende archiefbescheiden aangemerkt als archiefbescheiden in de zin van artikel 1, onderdeel c, van de landsverordening.
§ 2
Toezicht
1. Een toezichthouder als bedoeld in artikel 10 is bevoegd:
a. alle ruimten waarin archiefbescheiden van overheidsorganen worden bewaard, te betreden alsmede inzage te vorderen van die archiefbescheiden, één en ander met inachtneming van de voorschriften ten aanzien van de beveiliging van geheimen;
b. inlichtingen te vorderen;
c. inzage te vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden;
d. indien het maken van kopieën niet ter plaatse kan geschieden, de gegevens en bescheiden voor dat doel korte tijd mee te nemen tegen een door hem af te geven schriftelijk bewijs.
2. Een overheidsorgaan verleent aan de toezichthouder alle medewerking die deze redelijkerwijs kan vorderen bij de uitoefening van zijn bevoegdheden.
De algemene landsarchivaris brengt jaarlijks vóór 1 juli aan de Minister schriftelijk verslag uit van de bevindingen van het toezicht gedurende het afgelopen kalenderjaar.
§ 3
Zorg
1. De zorgdragers, bedoeld in artikel 5, eerste en tweede lid, van de landsverordening stellen regels vast omtrent het beheer van hun archiefbescheiden en van de onder hen ressorterende organen, voor zover deze archiefbescheiden niet zijn overgebracht naar een archiefbewaarplaats.
2. De zorgdragers, bedoeld in het eerste lid, dragen er zorg voor dat:
a. degenen die met het beheer belast zijn de onder hen berustende archiefbescheiden inventariseren en beheren;
b. geordende archiefbescheiden, tenzij deze jonger zijn dan tien jaar, niet dan met instemming van de Minister volgens een ander stelsel van archiefordening dan in het Post- en Registratuurbesluit vermeld, worden herordend;
c. maatregelen worden getroffen voor de veilige bewaring van hun archiefbescheiden en ter voorziening in de behoefte aan ruimte hiervoor.
1. De ministers dragen er zorg voor dat bij de instelling van een tijdelijk college van advies en bijstand of een ander tijdelijk landsorgaan regels worden gesteld ten aanzien van de bewaring van de archiefbescheiden na zijn opheffing.
2. De zorgdragers, bedoeld in het eerste lid, dragen er zorg voor dat:
a. bij de opheffing van een onder hen ressorterend overheidsorgaan, regels worden gegeven ten aanzien van de bewaring van de archiefbescheiden, voor zover hierin niet reeds is voorzien;
b. de algemene landsarchivaris in kennis wordt gesteld van de instelling of de opheffing van onder hen ressorterende overheidsorganen.
§ 4
Substitutie
Hoofdstuk 3
Archiefbescheiden (na) overdracht
§ 1
Opleiding en benoeming tot archiefbeheerder
Tot beheerder van openbare, overgedragen archiefbescheiden kan worden benoemd een hoger- of middelbaar archiefambtenaar, die aan de Rijksarchiefschool te ‘s-Gravenhage, Nederland, de opleiding van hoger- of middelbaar archiefambtenaar met goed gevolg heeft afgerond of degene, die de opleiding tot het verkrijgen van de diploma’s in de archivistiek succesvol heeft afgerond, dan wel een gelijkwaardige door de Minister erkende opleiding met goed gevolg heeft afgerond.
§ 2
Overdracht
Voor opschorting van de overbrenging van archiefbescheiden is de machtiging van de Minister vereist, die daaraan voorwaarden kan verbinden.
De registers van de Burgerlijke Stand worden na een termijn van 70 jaar, binnen een tijdvak van 10 jaar, overgedragen naar een archiefbewaarplaats.
(vervallen)
Dit landsbesluit, houdende algemene maatregelen, wordt aangehaald als: Archiefbesluit.