Ministeriële regeling vertegenwoordiging belastingplichtigen - Informashon tokante Gobièrnu di Kòrsou

Wet- en Regelgeving

Ministeriële regeling vertegenwoordiging belastingplichtigen

Publicatienummer: P.B. 2024, no. 59
Categorie: Ministeriële regeling met algemene werking
Ministerie: Financiën
Datum ondertekening: 04-06-2024
Datum inwerktreding: 07-06-2024
Geregistreerd in:
Klapper Publicatieblad ( HOOFDSTUK IV Belastingen )


MINISTERIËLE REGELING MET ALGEMENE WERKING, van de 4de juni 2024 ter uitvoering van artikel 33, en 39, eerste lid, onderdeel a, van de Algemene landsverordening Landsbelastingen (Ministeriële regeling vertegenwoordiging belastingplichtigen)

Datum inwerkingtreding Terugwerkende kracht tot en met Datum ingetrokken Betreft Vindplaats Zittingsjaar
07-06-2024 n.v.t. n.v.t. uitvoering artt. 33 en 39, lid 1, onderdeel a, van de Algemene landsverordening Landsbelastingen P.B. 2024, no. 59 n.v.t.

§1 Algemene bepalingen

Artikel 1

In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. Landsverordening: de Algemene landsverordening Landsbelastingen;
b. Inspecteur: de Inspecteur conform artikel 2, tweede lid, onderdeel c, van de Landsverordening zijnde de Inspecteur der Belastingen en uitsluitend voor de toepassing van Hoofdstuk VI van de Landsverordening de Ontvanger en de Directeur van de Stichting Overheids Belastingaccountantsbureau en tevens de ambtenaren belast met heffing en invordering en medewerkers van de Stichting Overheids Belastingaccountantsbureau waaraan de Inspecteur conform artikel 2a, eerste en tweede lid, van de Landsverordening mandaat heeft verleend;
c. Inspecteur der Belastingen: het hoofd van dienst van de Inspectie der Belastingen;
d. ongeoorloofde gedragingen: gedragingen in strijd met het bepaalde in de artikelen 3 tot en met 9;
e. belastingplichtige: natuurlijke personen, rechtspersonen, lichamen en entiteiten van wie op grond van een belastingverordening belasting wordt geheven;
f. vertegenwoordiger: een ieder door wie een belastingplichtige zich laat vertegenwoordigen op grond van een schriftelijke volmacht. De vertegenwoordiger treedt al dan niet in het kader van uitoefening van een beroep als vertegenwoordiger op.

Artikel 2

  1. Op basis van artikel 33 van de Landsverordening heeft een belastingplichtige het recht zich te laten vertegenwoordigen door een vertegenwoordiger.
  2. Indien een vertegenwoordiger zich schuldig maakt aan ongeoorloofde gedragingen jegens de Inspecteur kan dat leiden tot het gemotiveerd weigeren van vertegenwoordiging door een bepaald persoon op grond van artikel 33, derde lid, van de Landsverordening.

§2 Gedragsnormen vertegenwoordiger

Artikel 3

Een vertegenwoordiger treedt eerlijk, deskundig, onafhankelijk en professioneel op.

Artikel 4

Een Inspecteur treedt niet op als vertegenwoordiger.

Artikel 5

  1. Een vertegenwoordiger gebruikt of verstrekt niet opzettelijk onjuiste inlichtingen, gegevens of documenten aan de Inspecteur.
  2. Zolang in redelijkheid aanwijzingen van het tegendeel ontbreken, mag de vertegenwoordiger afgaan op de juistheid en volledigheid van de door belastingplichtige verstrekte inlichtingen, gegevens of documenten.

Artikel 6

Een vertegenwoordiger onthoudt zich van of staakt zijn werkzaamheden indien in redelijkheid aanwijzingen bestaan dat de opgedragen diensten of de dienstverlening strekt tot voorbereiding, ondersteuning, uitvoering of afscherming van onwettige activiteiten.

Artikel 7

De vertegenwoordiger behartigt als zodanig de belangen van de belastingplichtige die hij vertegenwoordigt.

Artikel 8

Een vertegenwoordiger is verplicht belastingplichtige juist en volledig over zijn belastingpositie te informeren, al dan niet door het verstrekken van afschriften van stukken en processtukken.

§3 Uitlatingen richting de Inspecteur

Artikel 9

Een vertegenwoordiger onthoudt zich ervan om zich jegens de Inspecteur op onheuse wijze of onnodig grievend uit te laten, in woord, non-verbaal of in geschrifte.

§4 Verzuim en sancties

Artikel 10

  1. De vertegenwoordiger die zich schuldig maakt aan één of meer ongeoorloofde gedragingen, kan een waarschuwing van de Inspecteur der Belastingen krijgen. Een waarschuwing geschiedt schriftelijk en is met redenen omkleed.
  2. De waarschuwing bevat een omschrijving van de ongeoorloofde gedragingen die de grondslag voor het geven van de waarschuwing vormen.

Artikel 11

  1. In geval van drie waarschuwingen binnen een periode van vijf jaar wordt de persoon geweigerd om als vertegenwoordiger op te treden bij de Inspecteur.
  2. De weigering geldt voor een periode van één jaar, gedurende welk jaar de geweigerde geen enkele belastingplichtige kan vertegenwoordigen.

Artikel 12

In afwijking van de artikelen 10 en 11 kan een vertegenwoordiger die zich opzettelijk niet heeft gehouden aan artikelen 5 en 6 zonder voorafgaande waarschuwingen, voor een periode van drie jaar worden geweigerd om als vertegenwoordiger op te treden.

Artikel 13

De Inspecteur der Belastingen en een andere Inspecteur, dan degene die de weigering inroept, beslissen, nadat de vertegenwoordiger door voornoemde personen is gehoord, of de vertegenwoordiger geweigerd wordt. Van de uitspraak van weigering wordt onverwijld een afschrift aan de vertegenwoordiger gezonden. De belastingplichtige waarvoor de vertegenwoordiger ten tijde van de derde ongeoorloofde gedraging of de gedraging, bedoeld in artikel 12 optrad, wordt van de weigering op de hoogte gesteld door de Inspecteur der Belastingen. Een weigering is met redenen omkleed en is een voor bezwaar vatbare beschikking.

Artikel 14

De weigering tot het mogen optreden als vertegenwoordiger gaat in op de dag van de schriftelijke bekendmaking van de weigering. Deze bekendmaking kan via de elektronische weg plaatsvinden. De bezwaar- of beroepsfase schorst het niet mogen optreden als vertegenwoordiger niet.

§5 Bezwaar en beroep

Artikel 15

Degene die bezwaar heeft tegen een weigering kan binnen twee maanden na de dagtekening van het bericht van weigering een gemotiveerd bezwaarschrift bij de Inspecteur der Belastingen indienen.

Artikel 16

De vertegenwoordiger heeft het recht om voorafgaand aan de uitspraak op bezwaar te worden gehoord. Het niet horen van de vertegenwoordiger resulteert in een positieve uitspraak op bezwaar.

Artikel 17

  1. De Inspecteur der Belastingen en een andere Inspecteur, dan degene die de weigering heeft ingeroepen doen, nadat de vertegenwoordiger door voornoemde personen is gehoord, uitspraak op het bezwaarschrift.
  2. Uitspraak op bezwaar wordt binnen twee maanden na de dag van de hoorzitting gedaan. Het niet binnen twee maanden doen van een uitspraak op bezwaar resulteert ten aanzien van de vertegenwoordiger in een positieve uitspraak op bezwaar.
  3. De uitspraak op bezwaar is met redenen omkleed en de vertegenwoordiger ontvangt van de uitspraak onverwijld een afschrift.

Artikel 18

De vertegenwoordiger die het niet eens is met de uitspraak op bezwaar kan binnen twee maanden na de dagtekening van de uitspraak op bezwaar in beroep komen bij het Gerecht in eerste aanleg conform artikel 7, eerste lid, van de Landsverordening administratieve rechtspraak.

§6 Onvoorziene gevallen

 Artikel 19

In alle gevallen, waarin deze regeling niet voorziet, of waarin de uitleg ervan niet duidelijk is, handelt de Inspectie der Belastingen of het Gerecht in eerste aanleg, afdeling administratieve rechtspraak, naar eigen inzicht.

§7 Slotbepalingen

Artikel 20

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van bekendmaking van deze regeling.

Artikel 21

Deze regeling wordt aangehaald als: Ministeriële regeling vertegenwoordiging belastingplichtigen.

Naar boven