Editie no. 21 - Jaargang 2026 - Informashon tokante Gobièrnu di Kòrsou

Landscourant

Jaargang 2026
22 Mei 2026
Editie no. 21
  • Aankondiging

    In de maand februari 2026 heeft de Bank het percentage van de verplichte reserve op 18,50% gehandhaafd. Niettemin
    steeg het bedrag aan verplichte reserves met Cg 8,9 miljoen, als gevolg van een toename van de basis[1] waarover deze wordt berekend. Het bedrag aan uitstaande Certificates of Deposit (CD’s) nam met Cg 15,5 miljoen toe, doordat de commerciële banken voor een hoger bedrag
    hadden ingeschreven tijdens zowel de wekelijkse CD-veilingen met een looptijd van twee weken als bij de tweewekelijkse veilingen van Cg-CD’s met een looptijd van drie maanden. De toename werd echter gematigd door lagere inschrijvingen voor Cg-CD’s met een looptijd van zes maanden tijdens de tweewekelijkse veilingen.

    De basisgeldhoeveelheid[2] nam met Cg 17,1 miljoen toe door een stijging van de bankbiljetten en munten in omloop (Cg 26,6 miljoen), gematigd door een afname van de rekening-couranttegoeden (Cg 9,5 miljoen). De stijging van de bankbiljetten en munten in omloop kwam vooral door de hogere vraag naar contant geld door het publiek tijdens de carnavalsdagen in februari. De daling van de rekening-couranttegoeden was voornamelijk toe te schrijven aan de netto aankoop van deviezen en CD’s door de commerciële banken bij de Bank en overmakingen door de overheid van Curaçao en van Sint Maarten van hun rekeningen bij de commerciële banken naar hun rekeningen bij de Bank. De daling werd echter gematigd door de overmaking van gelden door pensioenfondsen, een onder de noodregeling geplaatste financiële instelling en een overheids-NV van hun rekeningen bij de Bank naar hun rekeningen bij de commerciële banken.

    De post “Verplichtingen aan niet-ingezetenen” nam met Cg 3,8 miljoen toe, voornamelijk door de transacties door de commerciële banken in Bonaire. Deze toename werd echter verzacht door overmakingen van een onder de noodregeling geplaatste internationale financiële instelling naar het buitenland.

    De netto positie van de overheden bij de Bank is met Cg 17,6 miljoen gestegen door een toename van de deposito’s van zowel Curaçao (Cg 14,0 miljoen) als Sint Maarten (Cg 3,6 miljoen). De stijging van de deposito’s van Curaçao was voornamelijk het gevolg van de overdracht door de Bank van geïnde licentierechten (license fee) over de maand januari 2026 en van overmakingen van haar rekeningen bij de commerciële banken naar haar rekening bij de Bank. Voorts droegen ook de ontvangen gelden uit het buitenland van het Nederlandse Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), in het kader van de Actieagenda Slavernijverleden Curaçao, bij aan de toename. De stijging van de deposito’s van Sint Maarten kwam voornamelijk door de overmakingen van gelden van haar rekeningen bij de commerciële banken naar haar rekening bij de Bank. Eveneens droegen ontvangen gelden uit het trustfonds van de Wereldbank bestemd voor de wederopbouw van Sint Maarten, waaronder het Sustaining Program Effectiveness and Advancing Resilience (SPEAR) project, bij aan de toename van de deposito’s van de overheid.

    Voorts nam de post “Verplichtingen aan overige ingezetenen” met Cg 15,5 miljoen af, voornamelijk door de overmaking van gelden door pensioenfondsen, een onder de noodregeling geplaatste financiële instelling en een overheids-NV van hun rekeningen bij de Bank naar hun rekeningen bij de commerciële banken. Deze afname werd echter gematigd door betalingen aan pensioenfondsen in verband met annuïteitenleningen. Deze leningen waren in het kader van de schuldsanering door de Nederlandse Staat overgenomen en bevinden zich in de portefeuilles van de pensioenfondsen.

    Aan de activazijde van de balans nam de post “Deviezen” met Cg 54,6 miljoen toe. Deze stijging was toe te schrijven aan de transacties van de commerciële banken in Bonaire, ontvangen rente-inkomsten op buitenlandse beleggingen van de Bank en de overmakingen van gelden uit het buitenland door een pensioenfonds, de Wereldbank en de Nederlandse ministeries van Financiën en van BZK. De toename werd echter gematigd door de overmakingen naar het buitenland door een onder de noodregeling geplaatste internationale financiële instelling en de netto aankoop van deviezen door de commerciële banken bij de Bank.

    Ten slotte steeg de post “Goud” aan de activazijde van de balans met Cg 127,1 miljoen door een substantieel hogere marktwaarde op de balansdatum vergeleken met eind januari 2026. De stijging van de goudprijs werd voornamelijk gedreven door de toenemende vraag naar goud als veilige belegging onder centrale banken en institutionele investeerders. Deze vraag werd verder aangewakkerd door oplopende geopolitieke spanningen en aanhoudende mondiale onzekerheid. Daarnaast droegen verwachtingen van toekomstige renteverlagingen door de Amerikaanse Federal Reserve (Fed) bij aan de opwaartse druk op de goudprijs. De stijging van de post “Kapitaal en reserves” aan de passivazijde van de balans was met name gerelateerd aan de hogere waarde van goud.

    Willemstad, 8 mei 2026

    Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten

    [1] De basis wordt berekend als de binnenlandse schuld van de commerciële banken, gecorrigeerd voor langtermijndeposito’s.
    [2] Gedefinieerd als de som van de bankbiljetten en munten in omloop en de rekening-courant tegoeden van de commerciële banken bij de Bank.

     

  • Aankondiging

    Mevrouw Anna Maria Sillé – Gonçalves do Estreito, wonende te Curaçao, heeft zich per · ongedateerd verzoekschrift, gewend tot de toenmalige Hare Excellentie de Gouverneur van Curaçao, met het verzoek om toestemming te verlenen om de geslachtnaam van haar minderjarige kinderen Zina Celina Sillé en Tiana Alisa Sillé, te veranderen in “Gonçalves do Estreito Sillé”. Belanghebbende partijen kunnen zich binnen drie maanden na heden middels een bezwaarschrift aan zijn Excellentie de Gouverneur van Curaçao tegen dit verzoek om geslachtnaamsverandering verzetten.

    Willemstad, 11 mei 2026
    De Secretaris-Generaal a.i.
    van het Ministerie van Justitie

  • Aankondiging

    Bij exploot van 20 Mei 2026, heb ik, mr. Matthijs Willem Adriaan van der Gulik, deurwaarder te Curaçao, aan Andreas Hofman , zonder bekende woon- of verblijfplaats, betekend een afschrift van een op 18 mei 2026 gewezen door het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao gewezen vonnis. (zaaknummer SXM202601300)

     

     

  • Bekendmaking

     

    MINISTERIEEL BESLUIT

    van 21 mei 2026

    De Minister van Gezondheid, Milieu en Natuur handelende in overeenstemming met

    de Minister van Financiën,

    Overwegende:

    dat uit uitgevoerde vergelijkende onderzoeken is gebleken dat voor medische specialisten sprake is van bijzondere arbeidsmarktomstandigheden en specifieke deskundigheid, als bedoeld in artikel 4, derde lid, van de Landsverordening normering topinkomens Curaçao ;

    dat het aantrekken en behouden van voldoende gekwalificeerde medische specialisten noodzakelijk is voor het waarborgen van verantwoorde zorg, waaronder het verkorten van wachttijden en het terugdringen van wachtlijsten;

    dat de huidige bezoldigingsnormen de concurrentiepositie van Curaçao ten opzichte van de regio en Nederland onder druk zetten en daarmee de instroom en het behoud van medische specialisten belemmeren;

    dat vaststelling van de maximale bezoldiging op ten hoogste 110% van het toepasselijke bezoldigingsmaximum wenselijk wordt geacht;

    dat artikel 4, derde en vierde lid, van de Landsverordening normering topinkomens Curaçao, een uitzonderingsmogelijkheid bevatten op het geldende bezoldigingsmaximum, welke gelet op het karakter en de doelstelling van die landsverordening terughoudend en proportioneel dient te worden toegepast en dat het genoemde percentage van 130% dient te worden aangemerkt als een wettelijk maximum en niet als een norm die zonder nadere afweging volledig kan worden benut;

    dat vaststelling van de maximale bezoldiging op ten hoogste 110% in overeenstemming is met de beginselen van behoorlijk bestuur en zorgvuldig financieel beheer, en dat het wettelijk kader ruimte laat voor heroverweging indien toekomstige ontwikkelingen daartoe aanleiding geven;

    dat met deze verhoging wordt gewaarborgd dat binnen het wettelijk kader wordt gebleven en wordt bijgedragen aan de maatschappelijke aanvaardbaarheid van de maatregel;

    dat kennis is genomen van het advies van de werkgroep LNT en dat de daarin opgenomen overwegingen en conclusies, in het bijzonder dat de vaststelling van de maximale bezoldiging op 110% van het toepasselijke bezoldigingsmaximum een proportionele en verdedigbare toepassing vormt van de in artikel 4 van de Landsverordening normering topinkomens Curaçao geboden uitzonderingsmogelijkheid en naar verwachting bijdraagt aan het versterken van de arbeidsmarktpositie en het adresseren van knelpunten binnen de gezondheidszorg, zijn betrokken bij de besluitvorming;

    dat conform artikel 4, vierde lid, van de Landsverordening normering topinkomens Curaçao de entiteit, bedoeld in artikel 4.3 van het Landsbesluit Code Corporate Governance Curaçao, is gehoord en dat kennis is genomen van haar advies, waarbij wordt opgemerkt dat in de hiernavolgende overwegingen wordt ingegaan op de inhoud van de in dat advies opgenomen aanbevelingen;

    dat in het advies wordt aanbevolen om de verhoging niet generiek toe te passen maar, waar mogelijk, te differentiëren naar specialisme of vakgroep, en dat deze aanbeveling is meegewogen, maar dat daaraan in het kader van dit besluit geen gevolg is gegeven, nu is gekozen voor een uniforme benadering omdat voor alle medische specialismen sprake is van arbeidsmarktkrapte en differentiatie zou leiden tot ongewenste verschillen binnen de beroepsgroep en tot een complex en tijdrovend besluitvormingsproces dat niet verenigbaar is met de noodzaak om op korte termijn de continuïteit van de zorg te waarborgen;

    dat voorts in het advies wordt aanbevolen om de bezoldiging geheel of gedeeltelijk te koppelen aan prestatieafhankelijke doelstellingen, waaronder het terugdringen van wachttijden en wachtlijsten, en dat ook deze aanbeveling is meegewogen, maar dat de Landsverordening normering topinkomens Curaçao niet is gericht op operationele zorgaspecten zoals de normering van wachttijden en dat prestatieafhankelijke beloning en dergelijke operationele doelstellingen, gelet op de reikwijdte en doelstelling van artikel 4 van die landsverordening, derhalve buiten het kader van dit besluit vallen, waarbij geldt dat het onderhavige besluit uitsluitend het maximale bezoldigingsniveau vaststelt en dat de nadere invulling van de bezoldiging, waaronder eventuele objectieve en meetbare prestatiecomponenten, toekomt aan de desbetreffende werkgever;

    dat in het advies positief wordt geoordeeld over de vaststelling van de maximale bezoldiging op ten hoogste 110% van het toepasselijke bezoldigingsmaximum en dit percentage aanmerkt als een proportionele en verdedigbare toepassing van de in artikel 4 van de Landsverordening normering topinkomens Curaçao geboden uitzonderingsmogelijkheid;

    dat dit besluit is genomen in overeenstemming met het gevoelen van de Raad van Ministers;

    Gehoord:

    de entiteit , bedoeld in artikel 4.3 van het Landsbesluit Code Corporate Governance Curaçao , advies d.d. 21 april 2026, met kenmerk 21042026.01;

    Gezien:

    het advies van de Inspecteur-generaal voor de Volksgezondheid, d.d. 12 april 2024, met kenmerk 0623-IGMN/24, e-mail correspondentie van de Sociale Verzekeringsbank, d.d. 10 april 2024, het advies van de Stichting Overheidsaccountantsbureau, d.d. 4 september 2025, met kenmerk 25/0515C/DS, het advies van de Stichting Bureau Toezicht Normering Overheidsentiteiten, d.d. 19 september 2024, met kenmerk 19092024.01 en het advies van de Beleidsorganisatie van het Ministerie van Financiën aangaande de financiële toetsing, d.d.12 april 2024, met kenmerk 2024/0011847, allen betrekking hebbende op de vaststelling van het Landsbesluit aanwijzing functies topfunctionarissen hogere maximale bezoldiging ;

    het advies van de werkgroep LNT, d.d. 30 maart 2026, met kenmerk 2026/0000259-1;

    Gelet op:

    artikel 4, vierde lid, van de Landsverordening normering topinkomens Curaçao en het Landsbesluit aanwijzing functies topfunctionarissen hogere maximale bezoldiging;

    Hebben besloten:

    Artikel 1

    1. In afwijking van artikel 4, eerste lid, van de Landsverordening normering topinkomens Curaçao kan aan een topfunctionaris:
      a. die de geneeskunde uitoefent als bedoeld in artikel 2 van de Landsverordening van de 19de december 1958 regelende de uitoefening van de geneeskunde; en
      b. die is gespecialiseerd in een bepaald domein van de geneeskunde en tevens erkend en ingeschreven is door het Ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur; en
      c. die werkzaam is bij een overheidsgelieerde entiteit;
      een bezoldiging worden toegekend die hoger is dan de maximale bezoldiging.
    2. Onder overheidsgelieerde entiteit als bedoeld in het eerste lid wordt verstaan: een overheidsgelieerde entiteit als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, van de Landsverordening normering topinkomens Curaçao, die tevens een ziekenhuisvoorziening is als bedoeld in artikel 1, onderdeel l, van de Landsverordening zorginstellingen .

    Artikel 2

    De bezoldiging, bedoeld in artikel 1, bedraagt ten hoogste 110% van de maximale bezoldiging, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Landsverordening normering topinkomens Curaçao.

    Artikel 3

    Dit besluit wordt in het Landscourant geplaatst.

    Artikel 4

    Dit besluit treedt in werking met ingang van de datum van de dagtekening ervan en werkt terug tot en met 21 december 2024.

    Artikel 5

    Dit besluit kan worden aangehaald als: Besluit maximale bezoldiging medische specialisten.

     

    Gegeven te Willemstad, 21 mei 2026
    De Minister van Gezondheid, Milieu en Natuur a.i.,
    G.S. PISAS

    De Minister van Financiën,
    C.F. COOPER

    Uitgegeven, 22 mei 2026
    De Minister van Algemene Zaken,
    G.S. PISAS

  • Bekendmaking

    MEDEDELING van de Bekendmaking ingevolge artikel 2:25, zesde lid, van het Burgerlijk Wetboek van Curaçao, van de beschikkingen d.d. 18 mei 2026 van de Kamer van Koophandel en Nijverheid tot ontbinding van de op de Ontbindingslijst van 13 januari 2026, gepubliceerd op 30 januari 2026, voorkomende rechtspersonen.

    Overeenkomstig de bepalingen van artikel 2:25, zesde lid, van het Burgerlijk Wetboek van Curaçao, doet de Kamer bij deze mededeling van de bekendmaking van de beschikkingen tot ontbinding van de rechtspersonen (zie: www.curacao-chamber.cw (Publications: Official notice to dissolve May 18th, 2026 –  Ontbindingsbeschikkingen 18 mei 2026) voorkomende op de Ontbindingslijst die op 30 januari 2026,  is bekendgemaakt op de webpagina van de Kamer, www.curacao-chamber.cw).

    Van de plaatsing van deze ontbindingsbeschikkingen op de webpagina van de Kamer doet de Kamer mededeling in de Landscourant en in een ander dagblad op Curaçao.

    Belanghebbenden hebben op grond van de Landsverordening Administratieve Rechtspraak na deze bekendmaking zes weken de tijd om tegen een beschikking, zoals vorengenoemd, in beroep te komen bij het Gerecht in Eerste Aanleg, zittingsplaats Curaçao.

    Willemstad, 21 mei 2026

    wg
    R.A. Behr
    Voorzitter

  • Echtscheiding

    Bij exploot van 11 mei 2026, waarvan afschrift is gelaten aan de Edelachtbare Officier van Justitie bij Het Gerecht in Eerste Aanleg van Curaçao, die het oorspronkelijk voor “Gezien” heeft getekend, heb ik, SONALIE RENATA VALENTINA ROLLINS, deurwaarder voor burgerlijke zaken bij Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao en Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en bij Het Gerecht in Eerste Aanleg van Curaçao, wonende op Curaçao en aldaar kantoorhoudende aan het adres Kaya Sayet # 36, ten verzoeke van: ANA MARIA DOMINGUEZ ESTRADA, wonende op Curaçao, BETEKEND: aan JOSE LIBRADO NAVAS RAMOS , zonder bekende woon of verblijfplaats op Curaçao of elders, de grosse van een beschikking van 3 februari 2026 door de E.A. Heer Rechter in Het Gerecht in Eerste Aanleg van Curaçao, waarbij tussen partijen, met elkander gehuwd te Dalla-Costa- Estado Bolivar Venezuela op 20 december 1985, de ECHTSCHEIDING is uitgesproken.

    De Gerechtsdeurwaarder,
    S.R.V. Rollins.

     

  • Liquidatie

    Stichting Derdengelden Lovert Legal Services
    In liquidatie

    De vereffenaar heeft vastgesteld dat er geen bekende baten  aanwezig zijn en dat derhalve ingevolge artikel 31, zevende lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek van Curaçao de vereffening van de rechtspersoon is beëindigd en de rechtspersoon is opgehouden te bestaan. De slotverantwoording is ter inzage gelegd ten kantore van de rechtspersoon en het handelsregister.

    De Vereffenaar

  • Liquidatie

    Ludos Optima N.V. (geliguideerd)

    gevestigd op Curaçao

    Op 29 april 2026 is bij de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van Ludos Optima N.V., besloten om met ingang van 1 mei tot ontbinding en algehele liquidatie van de Vennootschap over te gaan.

    De vereffenaar heeft terstond bij zijn aantreden vastgesteld dat geen aan hem bekende baten aanwezig zijn. Overeenkomstig artikel 31 lid 7 Boek 2 BW is door de onderhavige publicatie van dat feit de vereffening geëndigd en is de entiteit opgehouden te bestaan.

    De slotverantwoording wordt ter inzage gelegd ten kantore van het handelsregister.

    De Vereffenaar

  • Liquidatie

    Geminilab N.V. (geliguideerd)

    gevestigd op Curaçao

    Op 4 mei 2026 is bij de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van Geminilab N.V., besloten om met ingang van diezelfde datum tot ontbinding en algehele liquidatie van de Vennootschap over te gaan.

    De vereffenaar heeft terstond bij zijn aantreden vastgesteld dat geen aan hem bekende baten aanwezig zijn. Overeenkomstig artikel 31 lid 7 Boek 2 BW is door de onderhavige publicatie van dat feit de vereffening geëndigd en is de entiteit opgehouden te bestaan.

    De slotverantwoording wordt ter inzage gelegd ten kantore van het handelsregister.

    De Vereffenaar

  • Liquidatie

    Firo Lod N.V. in liquidatie

     In de op 18 mei 2026 gehouden buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders is besloten om per 13 mei 2026 tot ontbinding van de vennootschap over te gaan.

    De vereffenaar heeft terstond bij zijn aantreden vastgesteld dat er geen aan hem bekende baten aanwezig zijn, waardoor de liquidatie kan worden afgesloten.

    De vereffenaar

  • Liquidatie

    Kamalei Investments B.V.  in liquidatie

     In de op 18 mei 2026 gehouden algemene vergadering van aandeelhouders is besloten om tot ontbinding van de vennootschap over te gaan.

    De vereffenaar

  • Liquidatie

    Parthena Investments B.V.  in liquidatie

     In de op 18 mei 2026 gehouden algemene vergadering van aandeelhouders is besloten om tot ontbinding van de vennootschap over te gaan.

    De vereffenaar

  • Liquidatie

    IFC (International Fresh Company) B.V.

    in liquidatie, gevestigd op Curaçao

    De vereffenaar van IFC (International Fresh Company) B.V., in liquidatie, geeft te kennen dat de rekening en verantwoording en het plan van uitkering als bedoeld in artikel 2:31 lid 1 van het Burgerlijk wetboek ter zake van de vereffening van het vermogen van de venootschap ter inzage liggen ten kantore van de vennootschap, alsmede ten kantore van het handelsregister te Curaçao, alwaar de rekening en verantwoording en het plan van uitkering tot 30 dagen na onderhavige aankondiging voor een ieder ter inzage zullen liggen.

    De Vereffenaar

  • Liquidatie

    De vereffenaar van The LCL Family Private Foundation, in liquidatie, statutair gevestigd te Curaçao, met adres Johan van Walbeeckplein 4 (de “SPF”) geeft te kennen dat de slotverantwoording als bedoeld in artikel 2:31 lid 8 van het Burgerlijk Wetboek ter inzage ligt ten kantore van de SPF en ten kantore van het handelsregister te Curaçao en dat de vereffening van de SPF is geëindigd.

  • Liquidatie

    Jupiter International N.V. in liquidatie

     In de op 13 mei 2026 gehouden algemene vergadering van aandeelhouders is besloten om tot ontbinding van de vennootschap over te gaan.

    De rekening en verantwoording en het plan van uitkering van de vennootschap in liquidatie zijn neergelegd ten kantore van het Handelsregister en ten kantore van de vennootschap en liggen ter inzage gedurende een termijn van 30 dagen vanaf heden.

    De vereffenaar

  • Liquidatie

    TOPSTONE (CURAÇAO) N.V., in liquidatie

    DE VEREFFENAAR HEEFT GECONSTATEERD DAT ER GEEN BATEN ZIJN. DE SLOTVERKLARING IS TER INZAGE BESCHIKBAAR TEN KANTORE VAN DE VEREFFENAAR EN DE KAMER VAN KOOPHANDEL.

     DE VEREFFENAAR

  • Oproeping

    A A N K O N D I G I N G

     Bij exploot van éénentwintigste mei tweeduizendzesentwintig waarvan afschrift is gelaten aan de Heer Officier van Justitie bij het Gerecht in Eerste Aanleg van Curaçao, die het oorspronkelijk voor “Gezien” heeft getekend, heb ik, PATRICK ELOGIO KIRINDONGO, deurwaarder voor burgerlijke zaken bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao en Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en bij het Gerecht in Eerste Aanleg Curaçao, wonende te Curaçao en  kantoorhoudende aan de Jan Noorduynweg No. 58-3, gevolg gevend aan de beschikking van de 18de mei 2026 van de E.A. Rechter in het Gerecht voormeld is de naamloze vennootschap SOLID HOLDING N.V., laatstelijk gevestigd en kantoorhoudende te Curaçao aan de Perseusweg 27, doch thans zonder bekende vestigingsplaats binnen of buiten Curaçao OPGEROEPEN om op maandag, 31 augustus 2026, des voormiddag om 09.30 uur ter terechtzitting te verschijnen ten Raadhuize in het “Kas di Korte”, vroeger KPMG gebouw te Emancipatie Blvd Dominico “Don” Martina No. 18, voor de E.A. Heer Rechter, teneinde op de door Yael PERRY, wonende te San Ciro ((CO) 22010), Italië, aan Via Statale 16, te dezer zake domicilie kiezende ten kantore van Spigt Dutch Caribbean N.V., aan de Scharlooweg 29, Willemstad, Curaçao, ten kantore van de advocaten mrs. S.H. Barten en A.M. van Spaandonk, tegen hem/haar ingestelde vordering te antwoorden.

    De deurwaarder voornoemd,
    P.E. Kirindongo.

     

  • Oproeping

    A A N K O N D I G I N G

    Bij exploot van éénentwintigste mei tweeduizendzesentwintig waarvan afschrift is gelaten aan de Heer Officier van Justitie bij het Gerecht in Eerste Aanleg van Curaçao, die het oorspronkelijk voor “Gezien” heeft getekend, heb ik, PATRICK ELOGIO KIRINDONGO, deurwaarder voor burgerlijke zaken bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao en Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en bij het Gerecht in Eerste Aanleg Curaçao, wonende te Curaçao en  kantoorhoudende aan de Jan Noorduynweg No. 58-3, gevolg gevend aan de beschikking van de 18de mei 2026 van de E.A. Rechter in het Gerecht voormeld is de stichting particulier fonds THE SOLID FUND PRIVATE FOUNDATION, laatstelijk gevestigd en kantoorhoudende te Curaçao aan de Perseusweg 27, doch thans zonder bekende vestigingsplaats binnen of buiten Curaçao OPGEROEPEN om op maandag, 31 augustus 2026, des voormiddag om 09.30 uur ter terechtzitting te verschijnen ten Raadhuize in het “Kas di Korte”, vroeger KPMG gebouw te Emancipatie Blvd Dominico “Don” Martina No. 18, voor de E.A. Heer Rechter, teneinde op de door Yael PERRY, wonende te San Ciro ((CO) 22010), Italië, aan Via Statale 16, te dezer zake domicilie kiezende ten kantore van Spigt Dutch Caribbean N.V., aan de Scharlooweg 29, Willemstad, Curaçao, ten kantore van de advocaten mrs. S.H. Barten en A.M. van Spaandonk, tegen hem/haar ingestelde vordering te antwoorden.

    De deurwaarder voornoemd,
    P.E. Kirindongo.