| Publicatienummer: | P.B. 2025, no. 188 (Geconsolideerde Tekst) |
| Categorie: | Geconsolideerde Tekst Landsbesluit, houdende algemene maatregelen |
| Ministerie: | Algemene Zaken en Minister President |
| Datum ondertekening: | 01-10-2025 |
| Datum inwerktreding: | 01-08-2003 |
| Geregistreerd in: |
Klapper Publicatieblad ( HOOFDSTUK V Openbare orde )
|
LANDSBESLUIT van de 1ste oktober 2025, no. 25/2292, houdende vaststelling van de geconsolideerde tekst van de Landsverordening op de weerkorpsen 1997
| Datum inwerkingtreding | Terugwerkende kracht tot en met | Datum ingetrokken | Betreft | Vindplaats | Zittingsjaar |
| 01-08-2003 | n.v.t. | n.v.t. | Geconsolideerde tekst | P.B. 2025, no. 188 (GT) | n.v.t. |
In deze Landsverordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. minister : de Minister van Algemene Zaken;
b. regionaal bevelhebber : de door de Minister van Defensie van het Koninkrijk aangewezen commandant van de Zeemacht in het Caraïbisch gebied;
c. weerkorps : iedere organisatie van particulieren, welke gericht is op of voorbereidt tot het in onderling verband verrichten van of deelnemen aan handelingen in bijstand of hulpverlening aan de minister of de regionaal bevelhebber dan wel aan door hen aan te wijzen functionarissen;
d. militaire bijstand : de terbeschikkingstelling door de Gouverneur van de krijgsmacht in Curaçao aan de regering van Curaçao.
1. De doelstelling, organisatie en de inrichting van een weerkorps worden bij landsbesluit, houdende algemene maatregelen, goedgekeurd. Zulks geschiedt bij de toelating van het weerkorps.
2. In het in het eerste lid bedoelde landsbesluit, houdende algemene maatregelen, worden nadere voorwaarden gesteld waaraan een weerkorps moet voldoen. Deze hebben in ieder geval betrekking op:
a. de inzet van een weerkorps;
b. de verantwoording van de financiële middelen;
c. de goedkeuring van de interne reglementen.
3. Weerkorpsen zijn verplicht te allen tijde mee te werken aan controles uitgeoefend door of namens de minister.
De kosten verbonden aan operationele inzet, daaronder begrepen de vergoeding, bedoeld in artikel 5, tweede lid, alsmede eventuele kosten voor transport en verblijf, komen voor rekening van het orgaan dat om de inzet heeft verzocht.
De regionaal bevelhebber kan de Gouverneur, de minister, de Minister van Justitie of een door hem aan te wijzen ambtenaar, alsmede leidinggevenden van weerkorpsen desgevraagd of eigener beweging van advies dienen omtrent alle aangelegenheden, de weerkorpsen betreffende.
(vervallen)
(vervallen)
Deze landsverordening wordt aangehaald als: Landsverordening op de weerkorpsen 1997.