Landsverordening Speelvergunningsrecht Hazardspelen 1957.
Landsverordening Speelvergunningsrecht Hazardspelen 1957.
| Publicatienummer: |
P.B. 2026, no. 136 (Geconsolideerde Tekst)
|
| Categorie: |
Geconsolideerde Tekst
Landsverordening
|
| Ministerie: |
Financiën |
| Datum ondertekening: |
28-05-2026 |
| Datum inwerktreding: |
10-05-1958
|
| Geregistreerd in: |
|
Landsbesluit van de 28ste mei 2026, no. 26/1490, houdende vaststelling van de geconsolideerde tekst van de Landsverordening Speelvergunningsrecht Hazardspelen 1957
| Datum inwerkingtreding |
Terugwerkende kracht tot en met |
Datum ingetrokken |
Betreft |
Vindplaats |
Zittingsjaar |
| 10-05-1958 |
22-02-1958 |
n.v.t. |
Geconsolideerde tekst |
P.B. 2026, no. 136 (GT) |
n.v.t. |
Artikel 1
Onder de naam speelvergunningsrecht wordt bij hazardspelen, als bedoeld in de Landsverordening Hazardspelen 1948, ten behoeve van de Landskas een recht geheven.
Artikel 2
Het speelvergunningsrecht is aan het Land verschuldigd, door degene aan wie een vergunning is verleend krachtens het bepaalde in artikel 1 van de Landsverordening Hazardspelen 1948, verder genoemd de „vergunninghouder”.
Artikel 3
- Het speelvergunningsrecht wordt per boekjaar geheven van het uit de vergunning voortvloeiende brutobedrag van de ontvangsten volgens een bij landsbesluit, houdende algemene maatregelen, vast te stellen tarief.
- Indien krachtens dezelfde vergunning meerdere gelegenheden voor hazardspelen worden geëxploiteerd, wordt het speelvergunningsrecht geheven als ware voor elk van deze gelegenheden afzonderlijk een vergunning verleend.
- Onder het brutobedrag van de ontvangsten worden mede begrepen de niet geïncasseerde speelschulden.
Artikel 4
- De vergunninghouder is verplicht een boekhouding en administratie in te richten en te voeren waaruit het brutobedrag van de ontvangsten onweerlegbaar blijkt.
- Indien krachtens dezelfde vergunning meerdere gelegenheden voor hazardspelen worden geëxploiteerd, is de vergunninghouder verplicht voor elk van die gelegenheden een afzonderlijke boekhouding en administratie in te richten en te voeren waaruit het brutobedrag van de ontvangsten van de desbetreffende gelegenheid onweerlegbaar blijken.
Artikel 6
- Overtreding van enige bepaling van deze landsverordening of van op grond hiervan uitgevaardigde landsbesluiten, houdende algemene maatregelen, wordt beschouwd als overtreding en gestraft met hechtenis van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie.
- Indien het strafbaar feit gepleegd wordt door een rechtspersoon, wordt de strafvervolging ingesteld en de straf uitgesproken tegen de in Curaçao gevestigde leden van het bestuur of bij ontstentenis van die leden, tegen de vertegenwoordiger van de rechtspersoon in Curaçao.
- Het bepaalde bij het vorige lid vindt overeenkomstige toepassing ten aanzien van rechtspersonen, optredende als bestuurder of vertegenwoordiger van een andere rechtspersoon.
- Geen straf wordt uitgesproken tegen het lid van het bestuur of tegen de vertegenwoordiger, van wie blijkt, dat het feit buiten zijn toedoen is gepleegd.
Artikel 7
Met het opsporen van de bij of krachtens deze landsverordening strafbaar gestelde feiten zijn mede belast de ambtenaren van de Belastingdienst.
Artikel 8
- Volgens door de Minister van Financiën vast te stellen voorschriften, kan teruggaaf worden verleend van speelvergunningsrecht, hetwelk te veel of ten onrechte betaald is.
- Voor het speelvergunningsrecht, verschuldigd door een rechtspersoon, zijn de bestuurders of, na ontbinding, de vereffenaars, alsmede de vertegenwoordigers of gemachtigden in Curaçao hoofdelijk mede aansprakelijk. Onder vorenbedoelde bestuurders, vereffenaars, vertegenwoordigers en gemachtigden zijn begrepen allen, die bij of na het ontstaan van de schuld als zodanig optraden, ook indien zij afgetreden zijn, rekening hebben gedaan of décharge hebben gekregen.
- De aansprakelijkheid van een in het vorige lid bedoelde persoon houdt op, wanneer hij, tot betaling aangesproken, aantoont dat de niet voldoening van de schuld niet aan hem te wijten is.
Artikel 9
- Deze landsverordening wordt aangehaald als: Landsverordening Speelvergunningsrecht Hazardspelen 1957.
- (vervallen)