| Publicatienummer: | P.B. 2025, no. 22 (Geconsolideerde Tekst) |
| Categorie: | Geconsolideerde Tekst Landsverordening |
| Ministerie: | Verkeer, Vervoer & Ruimtelijke Planning |
| Datum ondertekening: | 28-11-2024 |
| Datum inwerktreding: | 23-11-1961 |
| Geregistreerd in: |
Klapper Publicatieblad ( HOOFDSTUK IX Verkeer en vervoer )
|
LANDSBESLUIT van de 28ste november 2024, no. 24/2633, houdende vaststelling van de geconsolideerde tekst van de Landsverordening veiligheidsvoorschriften voor kleine schepen
| Datum inwerkingtreding | Terugwerkende kracht tot en met | Datum ingetrokken | Betreft | Vindplaats | Zittingsjaar |
| 23-11-1961 | n.v.t. | n.v.t. | Geconsolideerde tekst | P.B. 2025, no. 22 (GT) | n.v.t. |
Voor de toepassing van deze landsverordening en de ter uitvoering daarvan gegeven voorschriften wordt verstaan onder:
schip: een zeilschip, een werktuiglijk voortbewogen vaartuig kleiner dan 50 m³ bruto inhoud of een werktuiglijk voortbewogen vaartuig in de lokale vaart, zeegaande jachten daaronder niet begrepen;
kapitein: de gezagvoerder van een schip of degene die deze vervangt;
schepelingen: allen die zich als scheepsofficieren of scheepsgezellen aan boord bevinden, met uitzondering van de kapitein;
passagiers: alle personen aan boord met uitzondering van de kapitein, de schepelingen en de kinderen beneden de leeftijd van een jaar;
opvarenden: kapitein, schepelingen en passagiers;
lokale vaart: een reis tussen de eilanden van Curaçao;
zeilschip: een schip voldoende zeilen voerende om alleen daarmede veilig te kunnen varen;
werktuiglijk voortbewogen schip: een schip, uitgerust met een motor of een stoommachine als voortstuwingswerktuig;
eigenaar: de persoon, die het beheer over een schip heeft, hetzij hij eigenaar, reder of boekhouder van de rederij van het schip is, hetzij het schip hem in gebruik is gegeven;
het ondernemen van een reis: het brengen van een schip vanuit een der havens van Curaçao tot buiten de hierna voor Curaçao omschreven gebiedsbegrenzing:
Curaçao: Het gebied, begrensd door de lijnen vanaf het meest zuidelijke punt van Curaçao (12°-02′ noorderbreedte 68°-48′ westerlengte) in de richting 289° naar een punt gelegen op 12°-60’ noorderbreedte en 69°-00’ westerlengte en vandaar in de richting 312° naar een punt gelegen op 12°-17′ noorderbreedte en 69°-12′ westerlengte, vandaar in de richting noord naar een punt gelegen op 12°-23′ noorderbreedte en 69°-12′ westerlengte en vandaar in de richting oost naar de vuurtoren Noordpunt.
Certificaten van deugdelijkheid
De eigenaar van een schip is verplicht aan de kapitein de middelen te verschaffen, welke deze voor de juiste naleving van het voorschrift, in artikel 2, eerste lid, vermeld, behoeft.
Uitrusting, veiligheids- en reddingsmiddelen
Bij landsbesluit, houdende algemene maatregelen, worden nadere voorschriften gegeven met betrekking tot zeewaardigheid, uitrusting, veiligheids- en reddingsmiddelen, waaraan moet worden voldaan ten aanzien van schepen, waarvoor een certificaat van deugdelijkheid wordt afgegeven.
Met inachtneming van het op 7 juli 1978 te Londen tot stand gekomen Internationale Verdrag betreffende de normen voor zeevarenden inzake opleiding, diplomering en wachtdienst, 1978 (Trb. 1981, Nr. 144), zoals herzien te Londen op 7 juli 1995 (Trb. 1996, Nr. 249), worden bij of krachtens landsbesluit, houdende algemene maatregelen, voorschriften gegeven aangaande de bemanning van schepen, waarvoor een certificaat van deugdelijkheid is afgegeven als bedoeld in artikel 2, eerste lid.
Bij landsbesluit, houdende algemene maatregelen, kunnen voorschriften van deze landsverordening, alsmede voorschriften die krachtens deze landsverordening worden gegeven, van overeenkomstige toepassing worden verklaard op schepen onder buitenlandse vlag waarmee werkzaamheden worden verricht in de binnenwateren of in de territoriale wateren behorende tot Curaçao.
Toezicht en aanhouding
Straf- en slotbepalingen
De eigenaar van een schip, die de kapitein van dat schip door een der middelen, vermeld in artikel 1:123, eerste lid onder b, van het Wetboek van Strafrecht, opzettelijk beweegt ten aanzien van dat schip het verbod, vervat in artikel 6, tweede lid, te overtreden of met dat schip een reis te ondernemen of voort te zetten, wanneer op het ogenblik van het ondernemen of voortzetten van die reis geen geldig certificaat als bedoeld in artikel 2, eerste lid, is afgegeven of niet voldaan is aan de in artikel 4 bedoelde voorschriften, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijf jaren.
De in artikel 7 strafbaar gestelde feiten worden beschouwd als misdrijven.
(vervallen)
Deze landsverordening wordt aangehaald als: Landsverordening veiligheidsvoorschriften voor kleine schepen.