Regeling kinder- en kostwinnerstoelagen landsdienaren ten kabinette van de Gevolmachtigde Minister van Curaçao in Nederland - Informashon tokante Gobièrnu di Kòrsou

Wet- en Regelgeving

Regeling kinder- en kostwinnerstoelagen landsdienaren ten kabinette van de Gevolmachtigde Minister van Curaçao in Nederland

Publicatienummer: P.B. 2026, no. 111 (Geconsolideerde Tekst)
Categorie: Geconsolideerde Tekst Landsbesluit, houdende algemene maatregelen
Ministerie: Bestuur, Planning & Dienstverlening
Datum ondertekening: 06-05-2026
Datum inwerktreding: 10-03-1966
Geregistreerd in:
Klapper Publicatieblad ( HOOFDSTUK XIX Personeel)


LANDSBESLUIT van de 6de mei 2026, no. 26/1224, houdende vaststelling van de geconsolideerde tekst van de Regeling kinder- en kostwinnerstoelagen landsdienaren ten kabinette van de Gevolmachtigde Minister van de Nederlandse Antillen in Nederland

Datum inwerkingtreding Terugwerkende kracht tot en met Datum ingetrokken Betreft Vindplaats Zittingsjaar
10-03-1966 01-01-1966 n.v.t. Geconsolideerde tekst P.B. 2026, no. 111 (GT) n.v.t.

§ 1. Algemeen

Artikel 1

In dit landsbesluit wordt verstaan onder:

a. ambtenaar: ambtenaar in de zin van de landsverordening van de 8ste december 1964 houdende regelen betreffende de rechtstoestand van de landsdienaren ten kabinette van de Gevolmachtigde Minister van Curaçao in Nederland;
b. bezoldiging: bezoldiging bedoeld in artikel 5 van de landsverordening van de 8ste december 1964 houdende regelen betreffende de rechtstoestand van de landsdienaren ten kabinette van de Gevolmachtigde Minister van Curaçao in Nederland juncto artikel 18 van de Landsverordening Materieel Ambtenarenrecht.

§ 2. Kindertoelage

Artikel 2

  1. De kindertoelage bedraagt per jaar per kind 5 ten honderd van de voor de ambtenaar vastgestelde bezoldiging, met een maximum van Cg 300,— per jaar per kind.
  2. Het totaal bedrag aan kindertoelage wordt naar boven afgerond tot het naaste bedrag in guldens, dat een veelvoud is van twaalf.
  3. De kindertoelage wordt aan de ambtenaar toegekend door het gezag, dat bevoegd is de bezoldiging aan de ambtenaar toe te kennen of in de toegekende bezoldiging wijziging te brengen.

Artikel 3

Het genot van kindertoelage vangt aan met ingang van de eerste dag van de maand volgende op die, waarin het recht op kindertoelage is ontstaan en eindigt met ingang van de eerste van de maand, volgende op die, waarin het recht op kindertoelage verloren is gegaan.

Artikel 4

  1. De kindertoelage wordt aan de ambtenaar uitbetaald tegelijk met zijn bezoldiging.
  2. De kindertoelage kan, indien gegrond vermoeden bestaat, dat zij niet ten goede komt of zal komen aan het kind ten behoeve waarvan zij is toegekend, aan een ander dan aan de ambtenaar betaalbaar worden gesteld.

§ 3. Kostwinnerstoelage

Artikel 5

  1. De kostwinnerstoelage bedraagt per jaar het verschil tussen de bezoldiging, welke de ambtenaar zou genieten, indien hij als gehuwd in de zin van artikel 5 van de landsverordening van de 8ste december 1964 houdende regelen betreffende de rechtstoestand van de landsdienaren ten kabinette van de Gevolmachtigde Minister van Curaçao in Nederland juncto artikel 32 van de Landsverordening Materieel Ambtenarenrecht zou zijn aangemerkt en de bezoldiging, welke hij geniet.
  2. Zij kan worden genoten door de ambtenaar, die als enig kostwinner in de zin van het volgende artikel wordt aangemerkt.

Artikel 6

Als enig kostwinner wordt aangemerkt:
a. de ambtenaar die krachtens de in artikel 5 van de landsverordening van de 8ste december 1964 houden de regelen betreffende de rechtstoestand van de
landsdienaren ten kabinette van de Gevolmachtigde Minister van Curaçao in Nederland juncto artikel 18 van de Landsverordening Materieel Ambtenarenrecht bedoelde regelen als ongehuwd wordt aangemerkt en op wie een wettelijke alimentatieplicht rust anders dan ten aanzien van een natuurlijk kind of natuurlijke kinderen dan wel die voorziet in het levensonderhoud van broeder of zuster, die hetzij jonger is dan 18 jaar dan wel ouder dan 50 jaar, hetzij wegens ziels- of lichaamsgebreken blijvend niet in staat is in zijn of haar eigen levensonderhoud te voorzien;
b. de gehuwde vrouwelijke ambtenaar, wier echtgenoot wegens ziels- of lichaamsgebreken blijvend niet in staat is in het levensonderhoud van zich en zijn gezin te voorzien.

Artikel 7

Het genot van kostwinnerstoelage vangt aan met ingang van de dag van toekenning en eindigt in ieder geval met ingang van de eerste dag van de maand volgende op die, waarin de omstandigheden, welke tot toekenning aanleiding hebben gegeven, hebben opgehouden te bestaan.

Artikel 8

Geen kostwinnerstoelage wordt toegekend, wanneer degene ten aanzien van wie de ambtenaar als enig kostwinner is aangemerkt uit andere hoofde inkomsten geniet of redelijkerwijs zou kunnen genieten, welke gelijk zijn aan of meer bedragen dan het bedrag bedoeld in artikel 5, eerste lid.

Artikel 9

  1. De inkomsten, welke degene ten aanzien van wie de ambtenaar als enig kostwinner is aangemerkt, uit andere hoofde geniet of gaat genieten dan wel redelijkerwijs zou kunnen genieten, worden op de kostwinnerstoelage, welke wordt of is toegekend, in mindering gebracht.
  2. Voor de berekening van het bedrag van de vermindering worden de inkomsten, over een tijdvak van 6 maanden afgerond naar beneden tot het naaste bedrag in guldens, dat een veelvoud is van zes, vergeleken met de kostwinnerstoelage over hetzelfde tijdvak.

Artikel 10

  1. De kostwinnerstoelage wordt aan de ambtenaar uitbetaald tegelijk met zijn bezoldiging.
  2. De kostwinnerstoelage kan, indien gegrond vermoeden bestaat, dat zij niet ten goede komt of zal komen aan degene ten behoeve van wie zij is toegekend aan een ander dan aan de ambtenaar betaalbaar worden gesteld.

Artikel 11

De ambtenaar, aan wie een kostwinnerstoelage is toegekend, is gehouden de Minister van Algemene Zaken, die de toelage heeft toegekend, uit eigen beweging en desgevraagd onverwijld schriftelijk in kennis te stellen van alles wat op de grootte van het bedrag van de toelage van invloed kan zijn, met uitzondering van wijzigingen in zijn bezoldiging.

§ 4. Slotbepalingen

Artikel 12

(vervallen)

Artikel 13

Dit landsbesluit, houdende algemene maatregelen, wordt aangehaald als: Regeling kinder- en kostwinnerstoelagen landsdienaren ten kabinette van de Gevolmachtigde Minister van Curaçao in Nederland.

Naar boven