Tijdelijke regeling maatregelen uitzonderingstoestand COVID-19 pandemie - Informashon tokante Gobièrnu di Kòrsou

Wet- en Regelgeving

Tijdelijke regeling maatregelen uitzonderingstoestand COVID-19 pandemie

Publicatienummer: P.B. 2020, no. 143, zoals laatstelijk gewijzigd bij  P.B. 2022, no. 2
Categorie: Ministeriële regeling met algemene werking
Ministerie: Algemene Zaken en Minister President
Datum ondertekening: 11-12-2020
Datum inwerktreding: 11-12-2020


MINISTERIËLE REGELING MET ALGEMENE WERKING van de 11de december 2020 houdende voorschriften als bedoeld in de artikelen 9, 11, eerste lid, onderdeel b en 23 van de Lei Estado di Emergensia in verband met de buitengewone omstandigheid COVID-19 pandemie

Datum inwerkingtreding Terugwerkende kracht tot en met Datum ingetrokken Betreft Vindplaats                 Zittingsjaar
11-12-2020     Moederregeling P.B. 2020, no. 143  
1-01-2021     Artt. 3, 7, 13, 14, 15, 16, 17, 18, 19 P.B. 2020, no. 156  
13-01-2021     Artt. 4, 8, 9, 14, 15, 16 P.B. 2021, no. 2  
20-01-2021     Art. 9, Bijlage 2A, Bijlage 2E P.B. 2021, no. 10  
14-02-2021     Artt. 13, 13A, 15, 16, 16A P.B. 2021, no. 13  
 26-02-2021      Artt. 4, 7, 9, 10, 11, 12  P.B. 2021, no. 15  
 8-03-2021      Artt. 4, 9  P.B. 2021, no. 22  
 15-03-2021      Artt. 1, 4, 7, 9, 11, Bijlage 2A  P.B. 2021, no. 23  
 24-03-2021      Artt. 1, 3, 4a, 5, 6, 6a, 7, 9, 10, 11, 13a, 16, 16A, Bijlage 3  P.B. 2021, no. 26  
27-03-2021     Art. 13  P.B. 2021, no. 26  
 2-04-2021     Artt. 3, 4, 4a, 6, 6a, 11, 12  P.B. 2021, no. 32  
 17-04-2021      Artt. 4, 4a, 4b, 6, 6a, 10, 12, 14, 15, 16  P.B. 2021, no. 37  
21-04-2021     Artt. 1, 4, 4a, 6, 6a, 9, 10a, 11, Bijlage 3 P.B. 2021, no. 42  
4-05-2021     Artt. 1, 3, 4, 4a, 6, 6a, 6b, 6c, 7, 9, 11, 13, Bijlage 1, Bijlage 2A P.B. 2021, no. 49  
 11-05-2021      Artt. 1, 4a, 4b, 5, 6, 6a, 9, 11, 11a, Bijlage 2F  P.B. 2021, no. 51  
 19-05-2021      Artt. 4, 6, 6a, 6b, 7, 9, 10, 11, 11b, Bijlage 2F P.B. 2021, no. 59  
 22-05-2021     Artt. 1, 6a, Bijlage 2A P.B. 2021, no. 61  
 2-06-2021      Artt. 3, 4, 6, 6a, 6b, 7, 9, 10, 10a, 11b, Bijlage 2A P.B. 2021, no. 68  
8-06-2021      Artt. 1, 4, 14, 14A, 15, 16, 16a, 16b P.B. 2021, no. 71  
14-06-2021  8-06-2021    Artt. 4b, 6b, 6c, 9, 11, 11a, 14a, 15, 16, 16a, 16b, Bijlage 2A, Bijlage 2E, Bijlage 2F, Bijlage 2G  P.B. 2021, no. 73  
 19-07-2021     Artt. 3, 6, 6b, 6c, 7, 10a, 11b, 13, Bijlage 1, Bijlage 2A, Bijlage 2B, Bijlage 2C, Bijlage 2D, Bijlage 2E, Bijlage 2F, Bijlage 2G  P.B. 2021, no. 79  
5-08-2021     Artt. 15, 16, 16a, 16b P.B. 2021, no. 89  
5-08-2021     Art. 16b  P.B. 2021, no. 91  
13-08-2021     Artt. 4, 6, 9, Bijlage 1 P.B. 2021, no. 92  
30-08-2021     Art. 16b P.B. 2021, no. 96  
 6-09-2021      Artt. 13a, 15, 16, 16a P.B. 2021, no. 100  
19-10-2021     Artt. 1, 2, 4, 6, 9, Bijlage 1, Bijlage 2A, P.B. 2021, no. 109  
25-10-2021  22-10-2021  1-12-2021  Art. 11 P.B. 2021, no. 112  
27-10-2021     Artt. 1, 13, 14, 15, 16, 16a, 16b P.B. 2021, no. 112  
27-10-2021     Art. 15 P.B. 2021, no. 113  
 19-11-2021      Artt. 4, 9, 15, 16,16a, Bijlage 1 P.B. 2021, no. 121  
 28-11-2021      Art. 16c P.B. 2021, no. 126  
 23-12-2021     Artt. 1, 2, 3, 6, 15, 16, 16a, 16c, Bijlage 1  P.B. 2021, no. 135  
4-01-2022     Artt. 4, 4b, 5, 6, 9, 10a, 11, Bijlage 1 P.B. 2022, no. 1  
 7-01-2022     Artt. 4, 6, 9, 10a, 11, 11a, Bijlage 1 P.B. 2022, no. 2  
           
           

Begripsbepaling

Artikel 1

In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. Curaçaos DCC: een DCC uitgegeven in Curaçao;
b. dansactiviteit: het al dan niet ten behoeve van sport, kunst of amusement, alleen of met meerdere personen (ritmisch) bewegen van het lichaam op maat van de muziek, anders dan zittend op een vaste zitplaats;
c. DCC: een interoperabel Digitaal COVID-19 Certificaat;
d. (vervallen);
e. EU DCC: een DCC uitgegeven door een ander land of gebied in overeenstemming met de Verordening (EU) 2021/953 van 1 juli 2021 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 14 juni 2021, betreffende een kader voor de afgifte, verificatie en aanvaarding van interoperabele COVID-19-vaccinatie-, test- en/of herstelcertificaten;
f. gezamenlijke huishouding: de niet van tafel en bed gescheiden echtgenoot, geregistreerde partner of andere levensgezel en ouders, grootouders en kinderen, voor zover zij op één adres woonachtig zijn;
g. (vervallen);
h. ingezetenen van Curaçao: ingezetenen en overwinteraars van Curaçao en houders van een diplomatiek paspoort die in Curaçao verblijven en die in het bezit zijn van een Consulaire identificatiekaart van de Directie Buitenlandse Betrekkingen van Curaçao;
i. kapperszaken: barbershops, kapsalons en personen die kapperswerkzaamheden verrichten;
j. mondmasker: voorwerp dat op grond van zijn ontwerp bestemd is om in ieder geval de mond en de neus volledig te bedekken, zodat de verspreiding van virussen en andere ziektekiemen zoveel mogelijk wordt tegengegaan;
k. publieke ruimte: de openbare weg, bedoeld in artikel 1, aanhef en onder g, van de Landsverordening openbare orde, waaronder ook alle openbare ruimten aan de openbare weg, de voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven, alsmede zich daar bevindende vaartuigen en voertuigen, met uitzondering van de zich daarin bevindende woongedeelte;
l. schoonheidssalons: personen of bedrijven die schoonheidsbehandelingen verrichten, waaronder, make-up behandelingen, manicure, pedicure, massages, spa-behandelingen en soortgelijke behandelingen;
m. tour: een tocht of rit waarin men zich in een groep te voet, met een fiets of een andersoortig niet afgesloten individuele vervoermiddel van de ene naar de andere plaats voortbeweegt.

Veilige afstand

Artikel 2

  1. Eenieder is verplicht in publieke ruimten een veilige afstand van ten minste twee meter te houden tot andere personen in zijn nabijheid.
  2. Het gebod in het eerste lid geldt niet voor:
    a. personen die een gezamenlijke huishouding vormen;
    b. (vervallen).

Samenscholingsverbod

Artikel 3

  1. Onverminderd het bepaalde in de artikelen 4, 5 en 6 van de Landsverordening openbare manifestaties, is het verboden deel te nemen aan groepen van meer dan vier personen in publieke ruimten.
  2. Het gebod in het eerste lid geldt niet voor personen die een gezamenlijke huishouding vormen.

Avondklok

Artikel 4

  1. Het is verboden zich tussen 22.00 uur en 04.30 uur op de openbare weg bedoeld in artikel 1, aanhef en onder g, van de Landsverordening openbare orde te begeven, zich aan de openbare weg op te houden, zich te begeven op andere plaatsen dan de eigen woning, dan wel op enige wijze in de open lucht te vertoeven, anders dan op het terrein behorende bij en direct aangrenzende aan de eigen woning.
  2. Het verbod in het eerste lid geldt niet voor:
    a. De personen die deel uitmaken van de organisaties en instellingen, bedoeld in artikel 2, vijfde lid van de Lei Estado di Emergensia, in de uitoefening van hun functie;
    b. Procesgemachtigden, journalisten met perskaart en voor een zitting uitgenodigde personen, bedoeld in artikel 2, zesde lid van de landsverordening;
    c. De personen die door of namens de Minister bij ministeriële beschikking, bedoeld in artikel 27 van de Lei Estado di Emergensia, van het verbod zijn ontheven of vrijgesteld.

Dagklok

Artikel 4a

(Vervallen)

Noodsituaties

Artikel 4b

Het verbod in artikel 4, eerste lid, geldt niet voor personen die in afwijking van het bepaalde bij of krachtens artikel 4, tweede lid, zich op de openbare weg begeven of zich daarop moeten ophouden, mits hiertoe een noodzaak bestaat waarvoor geen uitstel mogelijk is en zij die kunnen aantonen.

Verplicht mondmasker

Artikel 5

  1. Personen van achttien jaar en ouder dragen een geschikt mondmasker in de binnenruimten van:
    a. supermarkten, minimarkten, toko’s, bakkerijen, hardware winkels, boekhandels, winkels voor kantoorbenodigdheden en alle andere winkels;
    b. apotheken en drogisterijen;
    c. ziekenhuizen;
    d. kapperszaken en schoonheidssalons;
    e. het openbaar vervoer;
    f. uitvaartbedrijven en andere binnenruimten op het moment dat deze voor uitvaart worden gebruikt;
    g. locaties waar laag risico bedrijfsmatige evenementen en andere activiteiten, als bedoeld in artikel 6, derde, zesde en zevende lid, plaatsvinden.
  2. Personen van achttien jaar en ouder dragen in onderwijsinstellingen en in binnenruimten op het moment dat deze voor onderwijsactiviteiten worden gebruikt, een geschikt mondmasker.
  3. Van het bepaalde in het tweede lid zijn uitgezonderd:
    a. leerlingen;
    b. leraren en onderwijsassistenten tijdens het lesgeven, behalve tijdens praktijklessen.

Dienstverlening en activiteiten

Artikel 6

  1. Het is eenieder verboden om in open of besloten zelfstandige binnen- of buitenruimten, te land of ter zee, privé activiteiten of andere samenkomsten te organiseren, te laten organiseren, toe te laten of bij te wonen, tenzij dit op grond van deze regeling en Bijlagen 1 en 2 bij deze regeling uitdrukkelijk wordt toegestaan.
  2. Het is eenieder verboden om in open of besloten zelfstandige binnen- of buitenruimten te land of ter zee diensten te verlenen of evenementen en andere activiteiten te organiseren met een bezetting, waarbij de richtlijnen voor veilige afstand van ten minste twee meter tussen de aanwezige personen en voor de bezettingscapaciteit in Bijlage 1 bij deze regeling, niet kan worden gewaarborgd, tenzij dit op grond van deze regeling en Bijlage 1 bij deze regeling uitdrukkelijk wordt toegestaan.
  3. Het is eenieder verboden om vergunningsplichtige evenementen en andere activiteiten, met uitzondering van reguliere bedrijfsactiviteiten van een horecagelegenheid, te land of ter zee te organiseren, te houden, toe te laten of bij te wonen, in een open of besloten zelfstandige binnen- of buitenruimte, tenzij dit op grond van deze regeling en Bijlagen 1 en 2 bij deze regeling uitdrukkelijk wordt toegestaan.

Wijze van dienstverlening

Artikel 6a

(Vervallen)

Amusement

Artikel 6b

(Vervallen)

Richtlijnen voor dienstverlening

Artikel 6c

(Vervallen)

Bezoekregeling

Artikel 7

(Vervallen)

Alcoholverbod horeca

Artikel 8

(Vervallen)

Tijdstip voor dienstverlening aan het publiek

Artikel 9

  1. Personen, ondernemingen en organisaties, met uitzondering van medische (zorg)instellingen en dienstdoende apotheken kunnen, onverminderd de op grond van een wettelijke regeling geldende openingstijden, hun diensten tot 21.00 uur verlenen, tenzij er op grond van andere wet- en regelgeving vroegere sluitingstijden gelden.
  2. Houders van een standplaatsvergunning in de zin van artikel 15, tweede lid, van de Landsverordening openbare orde, voor wie op grond van die landsverordening een openings- en sluitingstijd geldt van 21.00 uur tot 06.00 uur, kunnen hun diensten tijdelijk uitsluitend van 17.00 uur tot 21.00 uur verlenen.
  3. Hotels, alsmede bars, restaurants en casino’s in hotels, kunnen aan personen die in het hotel verblijven hun diensten verlenen na 21.00 uur, tenzij op grond van andere wet- en regelgeving vroegere sluitingstijden gelden.
  4. Personen, ondernemingen en organisaties verrichten openbaar of besloten vervoer tot 22.00 uur aan het publiek, met dien verstande dat ten einde zich naar huis te begeven de chauffeurs zich tot 23.00 uur op de openbare weg kunnen bewegen.

Zorginstellingen

Artikel 10

(Vervallen)

Uitvaart, huwelijksvoltrekking en doopsel

Artikel 10a

  1. Bij een uitvaart zijn er in een binnenruimte maximaal vijftig (50) personen aanwezig. Voor dit maximumaantal worden het personeel van de uitvaartonderneming, de geestelijke medewerkers en medewerkers van de begraafplaats of het crematorium niet meegeteld.
  2. Bij een huwelijksvoltrekking en doopsel zijn er te allen tijde in een binnenruimte maximaal vijftig (50) uitgenodigde personen aanwezig.
  3. De richtlijnen neergelegd in de Bijlagen 1 en 2 zijn van overeenkomstige toepassing op een uitvaart, huwelijksvoltrekking en doopsel.
  4. Het is verboden om een uitvaart, huwelijksvoltrekking en doopsel in strijd met dit artikel te organiseren of bij te wonen.

Sportactiviteiten

Artikel 11

  1. Het is verboden om sportactiviteiten in groepsverband van twee of meer personen te organiseren, beoefenen of deze als publiek bij te wonen.
  2. Sportscholen mogen ten behoeve van individuele sportbeoefening niet meer personen toelaten dan tot vijftig procent van de maximale bezettingscapaciteit van de sportlocatie.

Activiteiten vaartuigen

Artikel 11a

Het zijn eigenaren of kapiteins van chartervaartuigen en pleziervaartuigen verboden maritieme activiteiten voor personen te organiseren of toe te laten met een bezetting van meer dan vijftig procent van de maximale bezettingscapaciteit van dat vaartuig.

Strandbezoek

Artikel 11b

(Vervallen)

Aanwijzing ambtenaren

Artikel 12

  1. De volgende ambtenaren worden als ambtenaren in de zin van artikel 9 van de Lei Estado di Emergensia aangewezen:
    a. de opsporingsambtenaren van het Korps Politie Curaçao;
    b. de buitengewone agenten van politie, werkzaam bij het Korps Politie Curaçao en de Kustwacht Curaçao;
    c. de toezichthouders aangewezen bij het Aanwijzingsbesluit toezichthouders uitzonderingstoestand COVID-19 pandemie.
  2. Ten behoeve van het toezicht op de naleving van het bepaalde bij deze regeling zijn de aangewezen ambtenaren bevoegd:
    a. van eenieder inlichtingen te verlangen;
    b. van eenieder inzage te vorderen van bescheiden alsmede van informatiedragers waarop gegevens zijn vastgelegd;
    c. met medeneming van de benodigde apparatuur, elke plaats, waaronder ook voertuigen en vaartuigen, te betreden, met uitzondering van een woning of het woninggedeelte van een voertuig of vaartuig zonder toestemming van de bewoner. Zo nodig verschaft hij zich toegang met behulp van de sterke arm.
  3. De aangewezen ambtenaar is bevoegd zich te doen vergezellen door personen die daartoe door hem zijn aangewezen.
  4. Bij de uitoefening van zijn taak draagt de aangewezen ambtenaar een legitimatiebewijs bij zich, dat is uitgegeven door of namens de minister onder wiens verantwoordelijkheid de aangewezen ambtenaar zijn reguliere werkzaamheden uitoefent.
  5. Het legitimatiebewijs bevat een foto van de aangewezen ambtenaar en vermeldt in ieder geval diens naam en functie.
  6. De aangewezen ambtenaar toont zijn legitimatiebewijs desgevraagd aanstonds.

Toegang vanuit alle landen, landstreken of plaatsen

Artikel 13

  1. Personen die vanuit alle landen, landstreken of plaatsen naar Curaçao reizen en aan wie de toegang tot Curaçao worden verleend, zijn onderhevig aan de voorgeschreven lokale medische protocollen, geldend voorafgaand aan, tijdens of na de reis, de quarantainemaatregelen en de lokale richtlijnen in het kader van veilige afstand en hygiëne in verband met de bestrijding van COVID-19.
  2. Personen, met uitzondering van ingezetenen van Curaçao, die vanuit alle landen, landstreken of plaatsen naar Curaçao reizen zijn verplicht een COVID-19 specifieke verzekering ter dekking van de medische kosten, transport en isolatiekosten af te sluiten voor de duur van het verblijf op Curaçao. De eerste volzin is niet van toepassing op:
    a. bemanningsleden van luchtvaartuigen en grote commerciële vaartuigen (koopvaardijschepen), voor zover zij Curaçao inreizen in opdracht van hun werkgever in het kader van hun reguliere werkzaamheden;
    b. personen die binnen 24 uur na aankomst, Curaçao weer uitreizen;
    c. personen die in het bezit zijn van een diplomatiek paspoort;
    d. leden van de krijgsmacht van het Koninkrijk en hun directe familieleden;
    e. transit- en transferpassagiers die Curaçao niet binnenkomen.
  3. Personen die vanuit COVID-19 risicolanden, -streken of -plaatsen naar Curaçao reizen en aan wie de toegang tot Curaçao worden verleend, zijn verplicht minimaal 10 dagen in isolatie te gaan, op het moment dat is vastgesteld dat die persoon op het moment van aankomst besmet is of tijdens het verblijf alhier besmet is geraakt met het SARS-CoV-2 virus. De 10 dagen worden gerekend vanaf de eerste ziektedag dan wel vanaf de dag van detectie als de eerste ziektedag onbekend is.
  4. De geneeskundige, als bedoeld in de quarantaine-verordening en in de Verordening van den 9de juni 1921, houdende bepalingen ter bestrijding van besmettelijke ziekten kan, afhankelijk van bijzondere omstandigheden, specifieke maatregelen treffen ten aanzien van personen die op grond van het eerste lid inreizen, naar gelang epidemiologische ontwikkelingen in het desbetreffende land, landstreek of plaats zich hiertoe nopen.
  5. Indien sprake is van de aanwezigheid van het SARS-CoV-2 virus op een vaartuig, kan de Havenmeester instrueren dat dit vaartuig moet aanmeren op een door hem bijzonder aangewezen plaats. De in dit lid bedoelde instructie van de Havenmeester wordt niet genomen dan nadat overleg is gepleegd met de geneeskundige, als bedoeld in het vierde lid.

Aanvullende inreisvoorschriften vaartuigen

Artikel 13a

  1. De gezagvoerder van een vaartuig die de haven van Curaçao wil aandoen en wetenschap heeft of een ernstig vermoeden heeft dat er aan boord van zijn vaartuig één of meer ziektegevallen zijn die wijzen op een ziekte van infectueuze aard die een ernstig gevaar voor de volksgezondheid kan opleveren, zorgt ervoor dat de geneeskundige, als bedoeld in artikel 13, vierde lid, en de Havenmeester hiervan zo spoedig mogelijk doch voor aankomst op de hoogte worden gesteld.
  2. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid verstrekt de gezagvoerder van een vaartuig 24 uur vóór de verwachte aankomsttijd in de haven:
    a. de maritieme gezondheidsverklaring ‘Maritime Declaration of Health’, bedoeld in artikel 37 van de Internationale Gezondheidsregeling;
    b. een lijst van de aangedane havens voorafgaand aan de aankomst op Curaçao;
    c. een overzicht van “shore visits”, waarin de data, plaatsen en de namen van de personen die aan wal zijn gegaan, zijn vermeld;
    d. documentatie van alle eventueel uitgevoerde PCR testen, waarin is opgenomen: naam, geboortedatum, testdatum, testlocatie, soort test en uitslag van de personen die zijn getest.
  3. In afwijking van het bepaalde in het tweede lid dienen privé- of pleziervaartuigen slechts te voldoen aan het bepaalde in het tweede lid, onderdelen b en d.
  4. Onverminderd het bepaalde in artikel 13 zijn personen op privé- of pleziervaartuigen die vanuit een COVID-19 risicoland, -landstreek of -plaats, naar Curaçao reizen verplicht:
    a. een officiële negatieve COVID-19 PCR-testuitslag in te dienen bij het Ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur op grond van een COVID-19 PCR-test die maximaal achtenveertig (48) uur vóór vertrek is ondergaan;
    b. een papieren afschrift van het document bedoeld in onderdeel a bij aankomst in Curaçao in te dienen.

Classificatie landen, landstreken of plaatsen

Artikel 14

  1. Door de Operationeel leider geneeskundige hulpverlening bij rampen wordt ten behoeve van deze regeling bepaald welke besmette landen, landstreken of plaatsen, als bedoeld in het Landsbesluit besmette landen, landstreken of plaatsen, worden geclassificeerd als zeer laag, laag, hoog, dan wel zeer hoog COVID-19 risicoland, -landstreek of -plaats.
  2. De lijst van classificatie van COVID-19 risicolanden, -landstreken of -plaatsen wordt bekendgemaakt op www.gobiernu.cw.
  3. De geneeskundige, als bedoeld in de quarantaine-verordening, kan in voorkomend geval beslissen dat een persoon, afkomstig uit een land, landstreek of plaats welk land, landstreek of plaats niet op de lijst, als bedoeld in het tweede lid voorkomt, is uitgezonderd van het bepaalde in artikel 16, indien het land, landstreek of plaats voldoet aan de gehanteerde epidemiologische criteria en alsnog als zijnde laag risicoland, -landstreek of -plaats aangemerkt kan worden. Op basis van dit besluit wordt de landenlijst door de Operationeel leider geneeskundige hulpverlening bij rampen gewijzigd en bekendgemaakt.

Zeer laag risicolanden, -landstreken of -plaatsen

Artikel 14a

  1. Onverminderd het bepaalde in artikel 13 zijn personen, die vanuit een zeer laag COVID-19 risicoland, -landstreek of -plaats, naar Curaçao reizen verplicht voorafgaand aan de reis naar Curaçao een ‘Passenger Locator Card’, naar waarheid in te vullen en in te dienen bij het Ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur. De ‘Passenger Locator Card’ wordt beschikbaar gesteld via www.gobiernu.cw met doorgeleiding naar www.dicardcuracao.com.
  2. Personen die vanuit een zeer laag COVID-19 risicoland, -landstreek of -plaats via een laag, hoog of zeer hoog geclassificeerde COVID-19 risicoland, -landstreek of -plaats als transito of transfer binnen 24 uur naar Curaçao doorreizen, zijn uitgezonderd van de in deze regeling voor de laag, hoog of zeer hoog COVID-19 risicoland, -landstreek of -plaats opgenomen voorschriften om naar Curaçao te reizen.
  3. Personen bedoeld in het eerste lid tonen bij aankomst in Curaçao een papieren of digitaal bewijs aan waaruit blijkt dat het document bedoeld in het eerste lid dienovereenkomstig is ingediend.

Laag risicolanden, -landstreken of -plaatsen

Artikel 15

  1. Onverminderd het bepaalde in artikel 13 zijn personen, die vanuit een laag COVID-19 risicoland, -landstreek of -plaats, naar Curaçao reizen verplicht:
    a. voorafgaand aan de reis naar Curaçao een ‘Passenger Locator Card’, naar waarheid in te vullen en in te dienen bij het Ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur. De ‘Passenger Locator Card’ wordt beschikbaar gesteld via www.gobiernu.cw met doorgeleiding naar www.dicardcuracao.com;
    b. een negatieve PCR-reistestuitslag of een negatieve antigeen reistestuitslag, als bedoeld in artikel 16b, eerste en tweede lid, in te dienen;
    c. niet eerder dan achtenveertig (48) uur voor de dag van vertrek naar Curaçao een afspraak te maken en te betalen voor het ondergaan van een antigeentest op de derde dag na aankomst in Curaçao en van die afspraak bewijs in te dienen bij het Ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur;
    d. een papieren of digitaal bewijs bij aankomst in Curaçao aan te tonen, waaruit blijkt dat de documenten bedoeld in dit lid dienovereenkomstig zijn ingediend.
  2. Personen die vanuit een laag COVID-19 risicoland, -landstreek of -plaats via een hoog of zeer COVID-19 risicoland, -landstreek of -plaats als transito of transfer binnen 24 uur naar Curaçao doorreizen, zijn uitgezonderd van de in deze regeling voor de hoog of zeer hoog COVID-19 risicoland, -landstreek of -plaats opgenomen voorschriften om naar Curaçao te reizen.
  3. Indien de desbetreffende termijn, zoals bedoeld in het eerste lid, onderdeel b is overschreden is de betrokken persoon gehouden om op eigen kosten onmiddellijk na binnenkomst in Curaçao een COVID-19 PCR-test af te nemen. De betrokken persoon blijft in quarantaine, totdat de uitslag van de PCR-test bekend is.
  4. Het eerste lid, onderdeel b is niet van toepassing op:
    a. minderjarigen beneden de leeftijd van twaalf jaar die geen COVID-19 symptomen hebben;
    b. bemanningsleden van luchtvaartuigen, voor zover zij daadwerkelijk werkzaam zijn op de toegestane vluchten naar Curaçao;
    c. personen die op dezelfde dag op en neer reizen van en naar Curaçao;
    d. Personen die in het bezit zijn van een bewijs van voltooide vaccinatie als bedoeld in artikel 16b, derde lid, en dit bewijs vóór vertrek naar Curaçao indienen.
  5. Het eerste lid, onderdeel c, is niet van toepassing op:
    a. (vervallen);
    b. personen die binnen drie dagen na aankomst Curaçao weer uitreizen;
    c. personen als bedoeld in het zesde lid;
    d. minderjarigen beneden de leeftijd van twaalf jaar die geen COVID-19 symptomen hebben;
    e. het personeel van de U.S. Forward Operation Location Curaçao, met dien verstande dat de uitslagen van de op dag drie na aankomst bij de bedrijfsarts ondergane antigeentest wordt ingediend bij het Ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur;
    f. personen die in het bezit zijn van een bewijs van voltooide vaccinatie als bedoeld in artikel 16b, derde lid, en dit bewijs vóór vertrek naar Curaçao indienen.
  6. Personen vanuit een laag COVID-19 risicoland, -landstreek of -plaats die in een recent verleden ziek zijn geweest door de besmettelijke ziekte COVID-19 en bij wie de in het eerste lid, onderdeel b bedoelde PCR-reistestuitslag positief is, kunnen naar Curaçao reizen, voor zover zij vóór vertrek overleggen:
    a. het positieve PCR-reistestuitslag;
    b. een positieve COVID-19 PCR-testuitslag op grond van een test die niet eerder dan drie maanden vóór vertrek is ondergaan, waarbij de laatste COVID-19 besmetting is gedetecteerd; en
    c. een negatieve antigeen reistestuitslag.

Hoog risicolanden, -landstreken, -plaatsen

Artikel 16

  1. Onverminderd het bepaalde in artikel 13 zijn personen, die vanuit een hoog COVID-19 risicoland, -landstreek of -plaats, naar Curaçao reizen verplicht:
    a. voorafgaand aan de reis naar Curaçao een ‘Passenger Locator Card’, naar waarheid in te vullen en in te dienen bij het Ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur. De ‘Passenger Locator Card’ wordt beschikbaar gesteld via www.gobiernu.cw met doorgeleiding naar www.dicardcuracao.com;
    b. een negatieve PCR-reistestuitslag of een negatieve antigeen reistestuitslag, als bedoeld in artikel 16b, in te dienen;
    c. niet eerder dan achtenveertig (48) uur voor de dag van vertrek naar Curaçao een afspraak te maken en te betalen voor het ondergaan van een antigeentest op de derde dag na aankomst in Curaçao en van die afspraak bewijs in te dienen bij het Ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur;
    d. een papieren of digitaal bewijs bij aankomst in Curaçao aan te tonen, waaruit blijkt dat de documenten bedoeld in dit lid dienovereenkomstig zijn ingediend.
  2. Indien de desbetreffende termijn, zoals bedoeld in het eerste lid, onderdeel b is overschreden is de betrokken persoon gehouden om op eigen kosten onmiddellijk na binnenkomst in Curaçao een COVID-19 PCR-test af te nemen. De betrokken persoon blijft in quarantaine, totdat de uitslag van de PCR-test bekend is.
  3. Het eerste lid, onderdeel b is niet van toepassing op:
    a. minderjarigen beneden de leeftijd van twaalf jaar die geen COVID-19 symptomen hebben;
    b. bemanningsleden van luchtvaartuigen, voor zover zij daadwerkelijk werkzaam zijn op de toegestane vluchten naar Curaçao;
    c. personen die op dezelfde dag op en neer reizen van en naar Curaçao.
  4. Het eerste lid, onderdeel c, is niet van toepassing op:
    a. (vervallen);
    b. personen die binnen drie dagen na aankomst Curaçao weer uitreizen;
    c. personen als bedoeld in het vijfde lid;
    d. minderjarigen beneden de leeftijd van twaalf jaar die geen COVID-19 symptomen hebben;
    e. het personeel van de U.S. Forward Operation Location Curaçao, met dien verstande dat de uitslagen van de op dag drie na aankomst bij de bedrijfsarts ondergane antigeentest wordt ingediend bij het Ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur;
    f. personen die in het bezit zijn van een bewijs van voltooide vaccinatie als bedoeld in artikel 16b, derde lid, en dit bewijs vóór vertrek naar Curaçao indienen.
  5. Personen vanuit een hoog COVID-19 risicoland, -landstreek of -plaats die in een recent verleden ziek zijn geweest door de besmettelijke ziekte COVID-19 en bij wie de in het eerste lid, onderdeel b, bedoelde PCR-reistestuitslag positief is, kunnen naar Curaçao reizen, voor zover zij vóór vertrek overleggen:
    a. het positieve PCR-reistestuitslag;
    b. een positieve COVID-19 PCR-testuitslag op grond van een test die niet eerder dan drie maanden vóór vertrek is ondergaan, waarbij de laatste COVID-19 besmetting is gedetecteerd; en
    c. een negatieve antigeen reistestuitslag.

Zeer hoog risicolanden, -landstreken, -plaatsen

Artikel 16a

  1. Onverminderd het bepaalde in artikel 13 zijn personen, die vanuit een zeer hoog COVID-19 risicoland, -landstreek of -plaats, naar Curaçao reizen verplicht:
    a. voorafgaand aan de reis naar Curaçao een ‘Passenger Locator Card’, naar waarheid in te vullen en in te dienen bij het Ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur. De ‘Passenger Locator Card’ wordt beschikbaar gesteld via www.gobiernu.cw met doorgeleiding naar www.dicardcuracao.com;
    b. een negatieve PCR-reistestuitslag, als bedoeld in artikel 16b, eerste lid, in te dienen;
    c. niet eerder dan achtenveertig (48) uur voor de dag van vertrek naar Curaçao een afspraak te maken en te betalen voor het ondergaan van een antigeentest op de derde dag na aankomst in Curaçao en van die afspraak bewijs in te dienen bij het Ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur;
    d. een papieren of digitaal bewijs bij aankomst in Curaçao aan te tonen, waaruit blijkt dat de documenten bedoeld in dit lid dienovereenkomstig zijn ingediend.
  2. Indien de termijn, zoals bedoeld in het eerste lid, onderdeel b is overschreden is de betrokken persoon gehouden om op eigen kosten onmiddellijk na binnenkomst in Curaçao een COVID-19 PCR-test af te nemen. De betrokken persoon blijft in quarantaine, totdat de uitslag van de PCR-test bekend is.
  3. Het eerste lid, onderdeel b is niet van toepassing op:
    a. minderjarigen beneden de leeftijd van twaalf jaar die geen COVID-19 symptomen hebben;
    b. bemanningsleden van luchtvaartuigen, voor zover zij daadwerkelijk werkzaam zijn op de toegestane vluchten naar Curaçao;
    c. personen die op dezelfde dag op en neer reizen van en naar Curaçao.
  4. Het eerste lid, onderdeel c, is niet van toepassing op:
    a. (vervallen);
    b. personen die binnen drie dagen na aankomst Curaçao weer uitreizen;
    c. personen als bedoeld in het vijfde lid;
    d. minderjarigen beneden de leeftijd van twaalf jaar die geen COVID-19 symptomen hebben;
    e. het personeel van de U.S. Forward Operation Location Curaçao, met dien verstande dat de uitslagen van de op dag drie na aankomst bij de bedrijfsarts ondergane antigeentest wordt ingediend bij het Ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur.
  5. Personen vanuit een zeer hoog COVID-19 risicoland, -landstreek of -plaats die in een recent verleden ziek zijn geweest door de besmettelijke ziekte COVID-19 en bij wie de in het eerste lid, onderdeel b bedoelde PCR-reistestuitslag positief is, kunnen naar Curaçao reizen, voor zover zij vóór vertrek overleggen:
    a. het positieve PCR-reistestuitslag;
    b. een positieve COVID-19 PCR-testuitslag op grond van een test die niet eerder dan drie maanden vóór vertrek is ondergaan, waarbij de laatste COVID-19 besmetting is gedetecteerd; en
    c. een negatieve antigeen reistestuitslag.

Testbewijzen en bewijs van voltooide vaccinatie voor het inreizen

Artikel 16b

  1. Onder een PCR-reistestuitslag als bedoeld in de artikelen 15, 16 en 16a wordt verstaan:
    a. een papieren of digitaal testuitslag op grond van een COVID-19 PCR-test die maximaal achtenveertig (48) uur vóór vertrek is ondergaan; of
    b. een Curaçaos DCC op basis van een COVID-19 PCR-testuitslag, als bedoeld in artikel 4 van de Tijdelijke regeling DCC Curaçao; of
    c. een EU DCC op basis van een testuitslag van een COVID-19 PCR-test die maximaal achtenveertig (48) uur vóór vertrek is ondergaan.
  2. Onder een antigeen reistestuitslag als bedoeld in de artikelen 15 en 16 wordt verstaan:
    a. een papieren of digitaal testuitslag op grond van een COVID-19 antigeentest die maximaal vierentwintig (24) uur vóór vertrek is ondergaan; of
    b. een Curaçaos DCC op basis van een COVD-19 antigeentestuitslag, als bedoeld in artikel 4 van de Tijdelijke regeling DCC Curaçao; of
    c. een EU DCC op basis van een testuitslag van een COVID-19 antigeentest die maximaal vierentwintig (24) uur vóór vertrek is ondergaan.
  3. Als bewijs van voltooide vaccinatie als bedoeld in artikel 15, vierde lid, onderdeel d, vijfde lid, onderdeel f en artikel 16, vierde lid, onderdeel f, geldt slechts:
    a. Tot 1 januari 2022:
    i. een vaccinatieboek afgegeven door het ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur van Curaçao waarin twee (2) batchnummers met bijbehorende parafen zijn vermeld of waarin één (1) batchnummer met bijbehorende paraaf en de zin “fully vaccinated due to a recent confirmed COVID-19 infection’ zijn vermeld;
    ii. een in Aruba, Sint Maarten of Bonaire, Sint Eustatius en Saba van overheidswege afgegeven vaccinatieboek of document waaruit blijkt dat de reiziger minimaal twee weken volledig tegen COVID-19 is gevaccineerd;
    b. Een Curaçaos DCC op basis van vaccinatie, als bedoeld in artikel 5 van de Tijdelijke regeling DCC Curaçao;
    c. Een EU DCC op basis van vaccinatie.
  4. Personen, afkomstig van een land, landstreek of plaats waar op basis van een testbewijs EU DCC’s worden verstrekt, kunnen tot 1 januari 2022 een PCR-reistestuitslag als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, dan wel een antigeen reistestuitslag als bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, overleggen ter voldoening aan de in het eerste en tweede lid genoemde artikelen.

Zorgwekkend COVID-19 risicoland, -landstreek of –plaats

Artikel 16c

(Vervallen)

Artikel 17

De bepalingen in deze regeling laten onverlet de toepasselijke bepalingen van de Landsverordening toelating en uitzetting en het Toelatingsbesluit .

Inwerkingtreding

Artikel 18

Deze regeling treedt in werking met ingang van 11 december 2020 en vervalt van rechtswege bij het eindigen of opheffen van het uitzonderingstoestand COVID-19, bedoeld in artikel 1 van het Landsbesluit afkondiging uitzonderingstoestand COVID-19 pandemie.

Citeertitel

Artikel 19

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke regeling maatregelen uitzonderingstoestand COVID-19 pandemie.

BIJLAGE 1

bij de Tijdelijke regeling maatregelen uitzonderingstoestand COVID-19 pandemie

RICHTLIJNEN VOOR VERANTWOORDE DIENSTVERLENING, EVENEMENTEN EN ANDERE (GROEPS)ACTIVITEITEN (ZAKELIJK EN PRIVÉ)

1. ALGEMEEN
a. De richtlijnen worden door de onderneming of organisator van een activiteit voor zowel medewerkers als klanten zowel buiten als binnen de (bedrijfs)ruimte/locatie voldoende zichtbaar opgehangen;
b. Er is te allen tijde een COVID-19 verantwoordelijke persoon in de onderneming of het etablissement/de locatie die toezicht houdt op de naleving van alle in deze bijlage genoemde richtlijnen voor verantwoorde dienstverlening en organisatie van activiteiten. Deze persoon fungeert ook als aanspreekpunt voor de autoriteiten. Deze persoon kan de eigenaar zijn, of een door hem aangewezen persoon met voldoende bevoegdheid. De COVID-19 verantwoordelijke is gedurende de openingstijden van de activiteit aanwezig op de locatie en neemt proactief het voortouw om een veilige omgeving te creëren;
c. De vergunninghouder van een onderneming of activiteit is te allen tijde eindverantwoordelijk en aansprakelijk voor het naleven en handhaven van de richtlijnen;
d. De klanten van, dan wel bezoekers bij een activiteit, houden zich aan de desbetreffende richtlijnen in de bijlage;
e. Werkgevers blijven thuiswerken, waar mogelijk, bevorderen.

2. RICHTLIJNEN VOOR HYGIËNE
a. Een werkgever/organisator van een activiteit draagt zorg voor voldoende mogelijkheid op het gebied van handhygiëne, door bijvoorbeeld voorzieningen aan te bieden om handen met water en zeep te wassen, dan wel door de aanwezigheid van handalcohol of alcoholhoudende handgel bij onder meer de ingang en uitgang van de onderneming, het alcoholpercentage van handalcohol en de handgel is ten minste 60%;
b. Zeep- en handalcoholproducten die aan personen voor gebruik worden aangeboden, zijn voorzien van een ingrediëntenlijst; de klant kan kiezen om een eigen handalcohol of alcoholhoudende handgel te gebruiken;
c. Het personeel wordt door de werkgever regelmatig voorgelicht en getraind inzake de algemene hygiënevoorschriften;
d. Personen worden via een mededeling bij de ingang verzocht de locatie niet te betreden, indien zij COVID-19 gerelateerde symptomen hebben zoals verkoudheid, niezen, verlies van reukvermogen, hoesten, keelpijn, moeilijke ademhaling of koorts (vanaf 38° Celsius);
e. De onderneming beschikt, voor zover van toepassing, over stromend water, voldoende wasgelegenheid en toiletvoorzieningen;
f. De wasgelegenheden en toiletten worden regelmatig schoongemaakt.

3. RICHTLIJNEN VOOR VEILIGE AFSTAND
a. Tussen het personeel en de klanten, tussen het personeel onderling, en tussen de klanten onderling wordt een afstand van minimaal twee (2) meter bewaard;
b. Het maximaal aantal personen dat tegelijkertijd in een open of besloten ruimte aanwezig mag zijn (de COVID-19 maximale bezettingsgraad) is, rekening houdend met het absolute maximum conform de Regeling, afhankelijk van de mogelijkheid om tussen personen een veilige afstand te kunnen houden; deze mogelijkheid wordt, afhankelijk van de desbetreffende bepaling in de Regeling, bepaald op grond van de rekenfactor voor de veilige gebruiksoppervlakte van 3,2 vierkante meter per persoon aan gebruiksruimte, dan wel op grond van 50% van de maximale bezettingscapaciteit van de ruimte, met uitzondering van die ruimte reeds bezet door meubilair en inventaris;
c. Door middel van bijvoorbeeld gekleurde tape wordt op de grond aangeduid, op welke afstand – minimaal twee (2) meter – de personen onder meer bij de kassa(‘s) en in gangpaden afstand van elkaar dienen te houden;
d. Indien mogelijk worden de ingang en uitgang van de onderneming van elkaar gescheiden gehouden;
e. Ondernemers van de horecagelegenheden moedigen de klanten aan om zoveel mogelijk vooraf te reserveren;
f. Dienstverlening bij een eetgelegenheid, dan wel een drinkgelegenheid vindt alleen plaats aan maximaal vier (4) personen die aan een zittafel zitten; dit maximumaantal geldt niet voor personen die een gezamenlijke huishouding vormen;
g. De tafels bij een eetgelegenheid, dan wel drinkgelegenheid (binnen en buiten) worden zodanig opgesteld dat er tussen de personen zittend aan verschillende tafels minimaal twee (2) meter afstand wordt gehandhaafd. Door minder tafels en stoelen neer te zetten of door duidelijk aan te geven dat bepaalde tafels of stoelen niet gebruikt mogen worden, kan voldoende afstand tussen gezelschappen worden gecreëerd; het plaatsen van klanten, behorende bij verschillende tafels, in aangrenzende zitplaatsen (‘back to back seats’), is derhalve niet toegestaan;
h. Telefonisch of online bestellen met thuisbezorging of afhalen wordt, voor zover van toepassing, zoveel mogelijk toegepast en gestimuleerd;
i. Interactie tussen bezorgers en klanten bij thuisbezorging wordt zoveel mogelijk beperkt door leveringen achter te laten bij de leveranciersingang, toegangsdeur, veranda of andere plaatsen waardoor contact dan wel nabijheid van persoon tot persoon wordt vermeden. Bij afgifte van een product wordt steeds rekening gehouden met twee (2) meter afstand tussen bezorger en ontvanger.

4. RICHTLIJNEN VOOR VENTILATIE
a. De ondernemer c.q. de werkgever draagt zoveel mogelijk zorg voor voldoende natuurlijke luchtventilatie in de ruimte door het openen van ramen en deuren, of maakt zoveel mogelijk gebruik van ventilatoren in plaats van airconditioning;
b. Extra ventileren is niet van toepassing in ruimtes waar via het airconditioningsysteem steeds verse lucht van buiten wordt gebruikt.

5. AANVULLENDE RICHTLIJNEN IN GEVAL DIENSTVERLENING EEN AFSTAND VAN MINDER DAN TWEE (2) METER VERGT
a. De dienstverlener zorgt voor aanvullende beschermingsmaatregelen, waaronder in ieder geval het gebruik van mondmaskers, door zowel de dienstverlener als de klant;
b. De dienstverlener werkt zoveel mogelijk op grond van een telefonisch of digitaal gemaakte afspraak, zodat de klantcontacten gedoseerd kunnen worden.

6. RICHTLIJNEN VOOR GROEPSACTIVITEITEN (zakelijk en privé)
a. Van tevoren wordt (bijvoorbeeld bij de reservering) gecontroleerd dat deelnemers geen COVID-19 gerelateerde symptomen hebben, zoals opgesomd onder punt 2d van deze richtlijnen, en ook niet in contact zijn geweest met een COVID-19 patiënt in de afgelopen twee (2) weken;
b. In geval van presentaties/optredens voor publiek wordt tussen de presentator(en)/artiesten en het publiek een afstand van vier (4) meter gehouden.

7. RICHTLIJNEN IN GEVAL VAN ZIEKTEGEVALLEN BINNEN DE ONDERNEMING (PERSONEEL)
a. De werkgever instrueert werknemers om thuis te blijven als ze ziek zijn, met name als ze last hebben van verkoudheid, niezen, hoesten, keelpijn, verlies van reukvermogen, moeilijke ademhaling of koorts (vanaf 38° Celsius);
b. De werkgever meldt onmiddellijk aan de Afdeling Epidemiologie & Onderzoek van het ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur in geval van een stijging van het aantal ziekmeldingen met het vermoeden van COVID-19 onder het personeel.

8. AANVULLENDE RICHTLIJNEN VOOR CHARTERVAARTUIGEN EN PLEZIERVAARTUIGEN
a. Maximaal twee (2) vaartuigen kunnen naast elkaar liggen;
b. Op pieren, vlotten of floaties zijn de afstandsregels van punt 3 van deze bijlage van toepassing;
c. Bij een vaartocht naar Klein Curaçao wordt dit gemeld aan Fort Nassau via VHF-kanaal 12 of via telefoonnummer 461-4581;
d. Bij de melding van een vaartocht naar Klein Curaçao wordt de volgende informatie aan Fort Nassau verstrekt:
● naam van het vaartuig;
● registratienummer;
● aantal personen aan boord;
● vertrektijd;
● aankomsttijd;
e. Bij terugkomst op Curaçao wordt Fort Nassau via dezelfde kanalen geïnformeerd;
f. Alle regels onder punten 1 tot en met 7 van deze bijlage worden, voor zover van toepassing, hierbij toegepast.

BIJLAGE 2A

bij de Tijdelijke regeling maatregelen uitzonderingstoestand COVID-19 pandemie

AANVULLENDE RICHTLIJNEN VOOR ACHTERGRONDMUZIEK

In aanvulling op bijlage 1 van de Tijdelijke regeling maatregelen uitzonderingstoestand COVID-19 pandemie gelden de volgende sectorspecifieke richtlijnen voor achtergrondmuziek, tenzij in de artikelen van de Regeling iets anders wordt bepaald.

1. ALGEMEEN
– Deze richtlijnen hebben betrekking op live achtergrondmuziek en achtergrondmuziek die mechanisch wordt gereproduceerd;
– Als muzikant wordt in deze richtlijnen ook verstaan de diskjockey c.q. dj, die muziek mechanisch reproduceert;
– Het muziekgezelschap, de individuele muzikanten en de ondernemer houden zich aan de desbetreffende richtlijnen in deze bijlage;

2. RICHTLIJNEN VOOR DE LOCATIE
– Live achtergrondmuziek wordt bij voorkeur buiten georganiseerd;
– De locatie moet een duidelijke zichtbare ingang en uitgang hebben en de bezoekersstromen dienen gescheiden gehouden te worden;
– De ondernemer draagt zorg voor het creëren van een aparte plek voor de muzikanten. De afstand tussen de aangewezen plek en de bezoekers is ten minste twee meter (2) en waar mogelijk vier (4) meter. De ondernemer draagt zorg dat deze straal van twee (2) tot vier (4) meter gedurende het optreden volledig vrij blijft;
– De muziek op locatie dient uitsluitend als achtergrondmuziek bij de op grond van de regeling toegestane activiteiten, voor zover daarvoor op grond van geldende regelgeving toestemming dan wel vergunning voor is afgegeven;
– Het toegestane geluidsvolume voor muziek is afhankelijk van de locatie met het oogmerk dat bezoekers, met inachtneming van de richtlijnen voor veilige afstand en zonder stemverheffing, elkaar kunnen verstaan;
– Voor gesloten lokaliteiten, zijnde geen openlucht locaties, geldt als uitgangspunt een maximum toegestane geluidsvolume van 85-90 decibel;
– Voor openlucht locaties geldt als uitgangspunt een maximum toegestane geluidsvolume van 75-80 decibel;
– De ondernemer ziet erop toe dat op het moment dat bezoekers hun stem moeten verheffen of hun veilige afstand moeten verkleinen om elkaar te verstaan, het geluidsniveau wordt verlaagd;
– De ondernemer beschikt ter plaatse over een decibelmeter of de mogelijkheid tot het meten van het geluidsvolume;
– Er is te allen tijde een COVID-19 verantwoordelijke in het etablissement die toezicht houdt op de naleving van de richtlijnen en die ook fungeert als aanspreekpunt voor autoriteiten. Deze kan de eigenaar zijn of een door hem aangewezen persoon met voldoende bevoegdheid. De COVID-19 verantwoordelijke is gedurende de openingstijden aanwezig op locatie en neemt proactief het voortouw om een veilige omgeving te creëren.

3. RICHTLIJNEN VOOR VEILIGE AFSTAND
– De muzikant draagt zorg voor ten minste twee (2) meter afstand tussen zichzelf en de andere muzikanten van het muziekgezelschap en de bezoekers van de locatie gedurende en na het optreden;
– De muzikanten blijven tijdens het optreden op de hiervoor conform deze richtlijnen aangewezen plek;
– Samenscholing of het motiveren c.q. aantrekken van samenscholing tijdens het optreden is niet toegestaan.

4. RICHTLIJNEN VOOR HYGIËNE
– De muzikanten maken zoveel mogelijk gebruik van persoonlijke apparatuur en middelen. De microfoons worden onderling niet gedeeld;
– Indien andere apparatuur en middelen dan microfoons onderling gedeeld worden, dan worden zij voor en na gebruik gereinigd.

5. RICHTLIJNEN VOOR SAMENSTELLING MUZIEKGEZELSCHAPPEN
– Een muziekgezelschap, dat op een locatie optreedt, bestaat uit maximaal vier (4) personen;
– Het muziekgezelschap, dan wel de ondernemer, kan gebruik maken van één (1) geluidstechnicus;
– Gastmuzikanten die niet vooraf aan het optreden van het muziekgezelschap geregistreerd zijn voor deelname aan het optreden van dit gezelschap, mogen tijdens het optreden niet meedoen als uitgenodigde muzikant.

6. RICHTLIJNEN VOOR DE ZANGUITVOERING
– De zang van de muzikanten wordt bij voorkeur elektronisch versterkt om te voorkomen dat een te hard stemgeluid wordt gebruikt waarbij potentieel meer transmissie kan plaatsvinden;
– Het publiek wordt ontmoedigd om mee te zingen tijdens het optreden.

BIJLAGE 2B

(Vervallen)

BIJLAGE 2C

(Vervallen)

BIJLAGE 2D

(Vervallen)

BIJLAGE 2E

(Vervallen)

BIJLAGE 2F

(Vervallen)

BIJLAGE 2G

(Vervallen)

BIJLAGE 3

(Vervallen)

Naar boven